insdag tijdens het vragen uur probeerde SP kamerlid Harry van Bommel aan minister Kamp van defensie te ontlokken dat Nederland een “oorlog in rommelt”. Van Bommel verwijt de minister dat hij “de dingen niet bij de naam noemt.”
Bovendien meent van Bommel dat de acties die de Nederlandse militairen op dit moment in de Panjwayi- vallei in Kandahar tegen de Taliban ondernemen, tegen de afspraken zijn met de Tweede Kamer. Minister Kamp ontkende in alle toonaarden.
De minister zal nooit zeggen dat Nederland “in oorlog” is met de Taliban. “In oorlog zijn” is, behalve de term voor een geweldadige vorm van menselijk handelen, ook een jurridisch begrip. Een land kan alleen met een ander land “in oorlog” zijn, die ook nog eens officieel verklaard moet worden. De Taliban is geen land, maar een groep opstandelingen die dood en verderf zaaien onder alles dat enigzins modern is. Bij voorkeur snijden zij kelen door van leraren en te moderne vrouwen. Op verzoek van de Verenigde Naties, de Afghaanse regering en de Navo probeert Nederland met de bondgenoten ter plekke deze Taliban praktijken tegen te gaan.
Ommekeer Srebrenica
Na het debacle in Srebrenica realiseerde men in de nederlandse politiek dat de toestand in de wereld andere eisen stelde aan de krijgsmacht en de te voeren strategie. De krijgsmacht werd hervormd tot een expeditionair leger, dat zwaar bewapend over de hele wereld ingezet zou kunnen worden en zou kunnen opereren in “het hoogste geweldspectrum.”
De transformatie van de krijsmacht ging gepaard met nieuwe politieke doelstellingen. Een van de doelstellingen komt voort uit het ervarinsfeit dat economische en sociale ontwikkeling niet mogelijk is, zonder dat allereerst de situatie in een land of regio veilig is.
Veiligheid als voorwaarde voor ontwikkeling werd daarmee een hoofddoelstelling van buitenlands- en ontwikkelingsbeleid. De volgende fase is de daadwerkelijke hulp bij economische en sociale ontwikkeling, ingebed in “nation building” indien nodig.
Alle regeringswaardige partijen zoals het CDA, PvdA, VVD, D66 en anderen, stemden in met de beleidsnota’s die opeenvolgende ministers van defensie en buitenlandse zaken hierover aan de kamer voorlegden.
Besluit Uruzgan
Ook een partij als D66 schaarde zich achter dit beleid. Daarom was het in februari 2006 zo onbegrijpelijk dat Lousewies van der Laan en Bert Bakker ineens afhaakten toen het op daden aankwam in Afghanistan. Vooral Bert Bakker was altijd een steunpilaar van dit beleid geweest.
De brief van minister Kamp, op grond waarvan het parlement het besluit nam om naar Uruzgan te gaan, was geheel in lijn met de eerder geformulerde beleidsdoelstellingen. Nederland wilde gaan helpen bij de wederopbouw van Afghanistan, maar zou eerst voor veiligheid in Uruzgan moeten zorgen. Daartoe werd het leger er met groot materieel heen gestuurd. Volgens de brief zouden de eerste twee jaar zwaar worden. In eerste instantie zou er hierdoor van echte opbouw nog niet veel terecht komen. Eerst moest de Taliban uitgeschakkeld en moesten de “hearts and minds” van de bevolking gewonnen worden. De Tweede Kamer stemde hier met een ruime meerderheid van CDA, VVD en PvdA mee in.
Politicus in de marge
Daarom was wat van Bommel dinsdag in de kamer zei pure retoriek van een politicus in de marge. Ook hij weet namelijk donders goed wat er in die brief stond en hoe de discussie verlopen is. Hij zei:
“Het gaat erom dat deze missie door deze regering aan de Tweede Kamer is verkocht als wederopbouw missie. Wij zouden daar scholen bouwen. Wij zouden daar ziekenhuizen gaan bouwen. Wij zouden daar wegen gaan aanleggen. (..) Er is sprake van grootschalige inzet van grondtroepen en van gevechtsvliegtuigen en van gevechtshelicopters. Dat heeft helemaal niets te maken met wederopbouw, waarmee de Kamer had ingestemd, maar met oorlog voeren. “
Deze suggestie van van Bommel is pure onzin. De regering heeft de missie nooit verkocht als louter en alleen een opbouw missie. En minister Kamp heeft dat ook niet gedaan om heimelijk oorlog te voeren. D66 haaktte juist af, toen bleek dat de minister openlijk aangaf dat het gevaarlijk zou worden en dat van wederopbouw pas in een latere fase echt sprake zou zijn.
De regring voert het beleid uit dat is uitgestippeld en waarmee de meerderheid van de Kamer in volle bewustzijn heeft ingestemd. Alleen D66 en de SP niet. Deze partijen laten liever de Taliban weer de overhand krijgen of de Amerikanen het vuile werk opknappen, om zo de eigen handen in kinderlijke onschuld te kunnen wassen.
Dat heet politiek aanrommelen in de marge.
Daan Diederiks