zaterdag, juni 18, 2005
gyptenaren produceerden ongeveer 3250 jaar geleden in grote hoeveelheden glasstaven, die zij verhandelden in het toen bekende mediterane gebied. Dit concluderen archeologen die opgravingen verrichten in een site nabij Qantir, een dorpje in de oostelijke Nijl delta, in Egypte.Tot aan deze vondst van de overblijfselen van een glasfabriek, meende men dat het oudste glas afkomstig was uit Mesopotaniƫ. Er is daar glas gevonden van 3500 jaar oud.
Het Egyptische glas werd in grote hoeveelheden geproduceerd en in ronde staven of baren gegoten. De baren die uit een scheepswrak uit de bronstijd werden gehaald nabij Turkije (zie inzet foto) blijken in gevonden mallen te passen. Deze baren werden in werkplaatsen weer gesmolten en tot verschillende glazen voorwerpen als bekers en kralen verwerkt.Het gevonden bewijsmateriaal verondersteld een productie in twee stadia. In het eerste vermaalden de Egyptenaren quartzrijk kiezel tot een alkalirijke as en verhitten dit relatief laag in vaatjes van klei. Vervolgens vermaalden zij het glasachtige materiaal tot poeder en kleurden het met rode en blauwe metaaloxiden. In het tweede stadium werd de poeder opnieuw verhit, maar nu met hoge temperaturen. Na afkoeling werden de glasbaren er af gehaald.










