In Association with amazon.co.uk

 | FrontPage | Fictie | Archive | Links |                                  Archive
Handelingen Tweede Kamer Kosovo Crisis

Dinsdag, 11 Mei 1999
   

Kosovo

Aan de orde is het debat over Kosovo.
61ste vergadering Datum: Woensdag, 24 maart 1999, Aanvang: 13.00 uur
Voorzitter: Mevrouw Van Nieuwenhoven

Voorzitter : Alvorens te beginnen met de eerste termijn van de Kamer, geef ik het woord aan de minister van Buitenlandse Zaken.

Minister Van Aartsen
Mijnheer de voorzitter! Hedenavond rond deze tijd beginnen luchtacties van de NAVO tegen militaire doelen in de Federale Republiek Joegoslavië. Het is met de grootst mogelijke spijt en teleurstelling dat de Nederlandse regering moet vaststellen dat president Milosevic niet bereid is geweest de voor hem wijd open liggende weg te kiezen, namelijk de weg van vrede. Die weg blijft open.
Een besluit tot het inzetten van militaire middelen behoort tot de allermoeilijkste en de allerzwaarste waarvoor een politicus kan komen te staan. De afschuwelijke zich almaar voortslepende menselijke tragedies in Kosovo laten naar het oordeel van de Nederlandse regering geen andere mogelijkheid meer toe. Met alle pijn die het nemen van zo'n besluit teweegbrengt, zeg ik ook dat de ontoelaatbaarheid van de humanitaire rampspoed die zich voor onze ogen voltrekt, ons sterkt in de overtuiging dat hier in bondgenootschappelijk verband het juiste besluit is genomen.
Dat oordeel is niet lichtvaardig, maar wel uit overtuiging tot stand gekomen. Meer dan een kwart miljoen Kosovaren is op de vlucht voor het niets ontziende geweld van de Joegoslavische troepen. Onschuldige burgers worden het slachtoffer. Dat kan niet doorgaan. Er is door de internationale gemeenschap werkelijk alles aan gedaan om een vreedzame uitkomst mogelijk te maken. De onderhandelaars van de Verenigde Staten, de Russische Federatie en de Europese Unie hebben zich tot het uiterste ingespannen om op de drempel van de 21ste eeuw te voorkomen dat zich midden in Europa een humanitaire catastrofe voltrekt.
Deze militaire operatie heeft politiek tot doel de Servische agressie tot staan te brengen en de Joegoslavische regering te dwingen terug te keren naar de onderhandelingstafel.
De heer Van Bommel (SP)
Mijnheer de voorzitter! Gisteren nog heb ik de Kamer verzocht de regering vragen te mogen stellen over de dreigende aanval op Joegoslavië. Maar daar bleek op dat moment in deze Kamer geen belangstelling voor te bestaan. Slechts één dag later blijkt die belangstelling wel te bestaan en wordt de minister voor dat doel teruggeroepen uit het buitenland. U begrijpt dat dit debat, wat mij betreft, gisteren gevoerd had mogen worden.
De SP heeft luchtaanvallen op Joegoslavië niet willen steunen en doet dat ook nu niet. Naar onze stellige overtuiging zijn die aanvallen onrechtmatig en onverantwoord. Om te beginnen, is er geen VN-resolutie die het gebruik van geweld tegen Servië toestaat en wordt daarmee de Veiligheidsraad buitenspel gezet. In die beoordeling staat de SP niet alleen. Ook vertegenwoordigers van het toonaangevende Instituut voor buitenlandse betrekkingen Clingendael en van het Studiecentrum voor vredesvraagstukken van de Katholieke Universiteit Nijmegen spreken tegen dat er volkenrechtelijk gezien voldoende basis is voor het NAVO-optreden. Rusland en China steunen de aanval dan ook niet.
De verwachting van de Nederlandse regering, dat Rusland alsnog steun zou verlenen aan de aanval, is niet uitgekomen. Integendeel. De tegenstelling tussen de NAVO en Rusland is verder verscherpt. Het groeiende vertrouwen tussen beide, dat onder meer gestalte kreeg in het partnerschap voor vrede, dreigt grote schade op te lopen. De regering heeft op dit punt een inschattingsfout gemaakt, die grote gevolgen kan hebben. Hoe beoordeelt zij in dit verband de dreigementen, zoals vanavond geuit door Boris Jeltsin?
Voorzitter! Door luchtaanvallen zal de situatie voor de vluchtelingen op korte termijn verslechteren. De UNHCR kan zijn werk niet meer doen, en de vluchtelingen dreigen doelwit te worden van vergeldingsacties van de Serviërs. Het vertrek van de OVSE-waarnemers in verband met de aanval heeft het offensief van de Serviërs versneld en vergemakkelijkt, zo lijkt het. Als de luchtaanvallen niet op korte termijn tot ondertekening van een akkoord leiden - dat is zeer onzeker - dreigt een humanitaire ramp van ongekende omvang. Waarop baseert de regering het vertrouwen dat luchtaanvallen tot ondertekening zullen leiden? Als die ondertekening niet volgt, wat dan? Door luchtaanvallen neemt het risico van geweld naar Montenegro, Macedonië en Albanië onverantwoord toe. Twee weken geleden noemde de regering dat nog zeer onwaarschijnlijk, maar afgelopen vrijdag ontving de Kamer het bericht dat de regering ernstig rekening houdt met die mogelijkheid. Op verzoek van de NAVO is een mortieropsporingsradar naar Macedonië gestuurd. Ook op dit punt blijkt de regering dus een ernstige inschattingsfout te hebben gemaakt.
Het centrale probleem blijft het feit dat het bevrijdingsleger van Kosovo naar afscheiding streeft en dat de internationale gemeenschap uitgaat van zelfbestuur. Daarom moet ook de vraag worden gesteld wat de ondertekening van het akkoord van Rambouillet door de Kosovaren betekent. In de wetenschap dat de Serviërs geen NAVO-troepen op het eigen grondgebied toestaan, heeft de eenzijdige handtekening onder het akkoord het UCK vooral de steun van de NAVO-luchtmacht opgeleverd. Vreest de regering niet dat NAVO-aanvallen door het UCK vervolgens zullen worden opgevat als steun voor de afscheiding van Kosovo? Het feit dat de NAVO ondanks deze bezwaren toch tot aanvallen heeft besloten, is volgens de SP slechts te verklaren uit de angst voor gezichtsverlies. Na langdurig dreigen met geweld ziet het bondgenootschap zich kennelijk gedwongen een daad te stellen. Het gaat allang niet meer om de vluchtende Kosovaren. De aanval dient geen duidelijk politiek doel, en aangezien er geen vervolgstappen zijn wanneer de aanvallen niet tot een akkoord leiden, is er sprake van een volslagen sprong in het duister. De actie moet bovendien worden opgevat als een gevaarlijk precedent. Voor het eerst wordt door de NAVO besloten om tegelijkertijd buiten het verdragsgebied en zonder VN-mandaat op te treden. Daarmee loopt de NAVO vooruit op het nieuwe strategische concept, dat nog niet eens is vastgesteld.
Voorzitter! De vrede in Kosovo kan alleen via een politiek akkoord tot stand komen. De partijen moeten daarvoor terug naar de onderhandelingstafel van Rambouillet, niet om een akkoord met de NAVO te sluiten, maar om een akkoord tussen de etnische Albanezen en de Serviërs te bereiken. Anders dan tot nu toe, moeten die partijen daarvoor direct met elkaar onderhandelen. De Federale Republiek Joegoslavië is immers een soevereine staat. Dat wordt door niemand betwist. De Nederlandse regering zal op die directe onderhandeling moeten aandringen. Alleen zo kan naar onze mening een oplossing tot stand komen, die ook op termijn stand zal houden.
De heer Verhagen (CDA)
Voorzitter! Bij het zwaarste politieke besluit, de inzet van militaire middelen, is het terecht dat wij vandaag plenair stilstaan bij de effectuering van het eerder genomen besluit. Het is op zich, zoals de minister terecht opmerkte, uitermate treurig dat de internationale gemeenschap nu niets anders lijkt te resteren dan het daadwerkelijk uitvoeren van luchtaanvallen, dan geweld in te zetten om een einde te maken aan de stelselmatige onderdrukking van de Kosovaren door Milosevic en het geweld van hem tegen hen. Als wij zeggen dat het herstel van de internationale rechtsorde de hoeksteen is van ons buitenlands beleid, kunnen wij als internationale gemeenschap niet achteroverzitten en afwachten als duizenden mensen op de vlucht worden gejaagd, dorpen en huizen in puin worden geschoten en talloze mensen gedood, bedreigd of gearresteerd worden. Dan kunnen wij niet zeggen: zet er maar een hek omheen.
Voorzitter! Militair ingrijpen en het uitvoeren van luchtaanvallen zijn onvermijdelijk geworden nu Milosevic keer op keer heeft aangetoond lak te hebben aan de terechte verlangens en eisen van de internationale gemeenschap. Wij realiseren ons terdege dat het besluit tot luchtaanvallen inhoudt dat de NAVO voor het eerst een aanval lanceert op een soevereine staat, waarbij er vooral door de verdeeldheid van de Veiligheidsraad geen resolutie op tafel ligt die een expliciet mandaat verschaft voor dit gewapende optreden.
Tegelijkertijd is het duidelijk dat er sprake is van een schending door Milosevic van eerder aangenomen Veiligheidsraadresoluties. De humanitaire catastrofe rechtvaardigt onzes inziens het ingrijpen. Het zou onacceptabel zijn als er op de massale deportaties en moordpartijen geen reactie van de internationale gemeenschap zou komen. Dat betekent naar onze mening dat de inzet van geweld op dit moment onafwendbaar is. Dat heeft twee duidelijke doelen. Het gaat er in de eerste plaats om een einde te maken aan de oorlogshandelingen richting de Kosovaren. Dat betekent derhalve dat de luchtaanvallen onzes inziens ook moeten worden gebruikt om de opmars van het Servische leger in Kosovo te stoppen. Tanks, artillerie en militaire infrastructuur moeten dus ook worden uitgeschakeld. Daarnaast - dat is het tweede doel - moet Milosevic worden gedwongen akkoord te gaan met het vredesakkoord van Rambouillet, inclusief de legering van een NAVO-vredesmacht. Het gesol met de ongewapende verificateurs heeft duidelijk gemaakt dat de enige manier om daadwerkelijk te garanderen dat op een eventueel toekomstig akkoord wordt toegezien, is om dit door een gewapende vredesmacht te laten doen.
Wij beseffen terdege dat hier risico's aan zijn verbonden voor de militairen, ook voor Nederlandse militairen, die betrokken worden bij eventuele luchtaanvallen. Daar gaan wij zeker niet luchthartig mee om. Risicoloze operaties zijn in dit stadium echter niet meer mogelijk. De CDA-fractie was zich hiervan terdege bewust toen zij instemde met deelname aan Actord in oktober jongstleden. Wij steunden en steunen de regering vanavond dan ook volledig waar het gaat om deelname aan deze NAVO-actie.
Er lijkt - dat blijkt ook uit de brief die wij hedenavond ontvingen - sprake te zijn van verschillende fases van luchtaanvallen. De eerste fase betreft de uitschakeling van de luchtafweer. In de tweede fase volgt de uitschakeling van met name tanks, artillerie en militaire infrastructuur. Als tussen de eerste en de tweede fase bedenktijd voor Milosevic wordt gereserveerd, dan wordt hem daarmee de gelegenheid geboden represaillemaatregelen uit te voeren. Milosevic kan - zo blijkt ook uit de uitspraken van Solana - op ieder moment te kennen geven, ook gedurende de actie, dat hij alsnog akkoord wil gaan met de eerdere voorstellen. Daarom is de CDA-fractie van mening dat tussen de eerste en de tweede fase geen interval mag zitten. De luchtacties moeten worden doorgezet.
Het gedrag van Milosevic is voorspelbaar. Je kunt nu al zien aankomen dat hij voorlopig niets van zich laat horen, in de hoop dat de NAVO alsnog verdeeld zal raken of onder druk van Rusland af zal zien van verdere luchtaanvallen. Milosevic kan elk moment de telefoon grijpen om zijn fiat aan Rambouillet te geven. Kan de minister nagaan of dat het scenario is dat de NAVO voor ogen heeft? Is er inderdaad sprake van die verschillende fases, waarbij men zich met name richt op de uitschakeling van militaire infrastructuur die duidelijk is gericht op de Kosovaren? Hoe groot is het risico dat Milosevic het grondoffensief tegen de Kosovaren verder zal uitbreiden? Welke risico's zien de ministers voor een spill-over naar de landen in de regio, zoals Bosnië, Macedonië en Albanië?
De CDA-fractie heeft in verband met de actie nog een aantal vragen. Er is op dit moment reeds sprake van talloze vluchtelingen en ontheemden. Er zijn ruim 400.000 mensen op de vlucht. Het is duidelijk dat de buurlanden Albanië en Macedonië een grote toevloed van vluchtelingen te verwerken zullen krijgen. Financieel zijn zij echter nauwelijks in staat om deze vluchtelingen te herbergen. Is de minister bereid te bewerkstelligen dat de internationale gemeenschap, de VN en de Europese Unie, zorgdragen voor de financiering van de opvang van de vluchtelingen in de regio? Is de minister bereid om daarvoor vanuit de Nederlandse begroting extra geld ter beschikking te stellen? De CDA-fractie verwacht een uiterste inspanning van het Nederlandse kabinet op dit punt. Overigens zijn wij ingenomen met het feit dat minister Herfkens reeds 7 mln. ter beschikking heeft gesteld. Daar wij echter vinden dat de vluchtelingenopvang in de regio van groot belang is, verwachten wij van de internationale gemeenschap een daadwerkelijke ondersteuning van de landen die de grootste opvang moeten financieren en realiseren.
Kosovo heeft ongetwijfeld ook de besprekingen in Berlijn tot dusverre gedomineerd. Wij waarderen het dat de minister uit Berlijn hier naartoe is gekomen. Dat is overigens terecht, zo heb ik in het begin van mijn betoog gezegd. De minister zal ongetwijfeld met zijn collega's over Kosovo hebben gesproken. In dit verband verbaast het mij buitengewoon te moeten lezen dat de NAVO van Oostenrijk geen toestemming zou hebben gekregen om over zijn luchtruim te vliegen voor de bombardementen op Servië. Ik vind het onacceptabel dat een EU-lidstaat op dit punt, waar juist solidariteit van de internationale gemeenschap ten zeerste noodzakelijk is, zo'n standpunt heeft ingenomen. Heeft de minister dit aan de orde gesteld? Zo ja, wat was het resultaat daarvan? Zo nee, welke stappen zullen er dan in het kader van de Europese top op dit punt gezet worden? Je mag van leden van de Europese Unie verwachten dat op dit punt als één internationale gemeenschap geopereerd wordt.
Uiteraard beseffen wij dat de relatie met Rusland op dit punt zwaar onder druk staat. Welke stappen worden op dit moment ondernomen? Wat is de inschatting van de minister ten aanzien van de gevolgen voor de betrekkingen met Rusland, ook in het kader van het NAVO-partnerschap en dergelijke? Hoe beoordeelt de minister overigens de uitspraken van de Doema dat men Joegoslavië wil ondersteunen, ook qua militaire goederen? Op welke wijze zal Rusland gehouden worden aan het wapenembargo, mede in het licht van het bekend worden van het feit dat in Azerbeidzjan een Russisch vliegtuig is aangehouden, met vijf MIG's, militairen en technici aan boord, die bestemd zouden zijn geweest voor Joegoslavië? De uitspraken van de Doema geven in ieder geval aan dat er een dreiging is dat er een militaire ondersteuning van Joegoslavië zal plaatsvinden.
Het moge duidelijk zijn dat wij de regering op dit punt steunen en dat wij ons volledig distantiëren van de toon en aard van de inbreng van de SP-fractie in dit debat.
De heer Van Middelkoop (GPV)
Mijnheer de voorzitter! Ik spreek mede namens de fractie van de RPF. Enkele maanden geleden gaf een overgrote meerderheid van deze Kamer toestemming aan het kabinet om de Nederlandse krijgsmacht te laten participeren in de militaire actie die ons land nu een partij in oorlog doet zijn. Destijds leek de dreiging van Actord succes te hebben. Daar verheugden wij ons toen op. Datzelfde zou kunnen worden gezegd, een aantal weken geleden, van Rambouillet. Maar wij moeten nu helaas constateren dat de haatcampagnes van Milosevic toch niet met enkel dreigen tegen zijn te houden. Wij zijn eerder in de jaren negentig in Bosnië getuige geweest van genocide en moordpartijen, en dat in een Europa, in een Europese regio, waar de waarden van de rechtsstaat worden gekoesterd. Thans ligt in Kosovo het recht platgetrapt op de velden. Onze allereerste bede is dat God zich mag ontfermen over de tienduizenden mannen, vrouwen en kinderen die op de vlucht zijn en die bang zijn, en ook dat hij Milosevic mag bevrijden van zijn dienst aan de afgod van het nationalisme en geweld.
Ik denk niet dat het nu het moment is om een uitvoerig oordeel te geven over de politieke ontwikkelingen in de laatste maanden. Eenmaal heb ik voorzichtig opgemerkt enige twijfel te hebben aan de wijsheid en politieke rechtmatigheid van de eis om NAVO-troepen te ontplooien op het grondgebied van Joegoslavië en Kosovo, terwijl wij tot op de dag van vandaag de territoriale integriteit van dat land erkennen en het recht van afscheiding van Kosovo ontkennen. Dat doet er op dit moment echter allemaal niet toe. Het is nu het moment van de daad. De schandalige militarisering door de Serviërs van grote delen van Kosovo met de daaruit voortvloeiende grote humanitaire ellende heeft een meer dan voldoende rechtsgrond geschapen voor de vorming van humanitaire interventie met geweldsmiddelen. Het rauwe alternatief is namelijk: een hek er omheen en voorkomen dat de brand overslaat naar andere landen en maar niet kijken naar wat er binnen dat hek gebeurt. Het risico dat het overslaat naar andere landen is er overigens nog altijd. Daarover hoor ik graag het oordeel van de minister.
De vraag hoe er moet worden geïntervenieerd, is thans ook een academische. Er is immers de laatste maanden een militaire macht opgebouwd die niet allereerst bestaat uit zeer grote aantallen grondtroepen. Het kwaad op het grondgebied van Kosovo wordt door de NAVO allereerst via luchtacties vergolden. Ook ik stel de vraag of het echt waar is dat Oostenrijk weigert toestemming te geven voor het overvliegen van NAVO-vliegtuigen. Dit is niet het moment om te schamperen over de Europese veiligheidsidentiteit, maar ik neem aan dat dit niet onweersproken kan blijven.
Voorzitter! Iedereen realiseert zich dat de wijze van reageren door Belgrado de komende dagen medebepalend zal zijn voor onze militaire en politieke verantwoordelijkheden later. Dan zal bijvoorbeeld bezien moeten worden hoe reëel het nog is de territoriale integriteit van klein-Joegoslavië vol te houden. Heeft de NAVO overigens uitsluitend de bevoegdheid Servische doelen te bombarderen of kunnen ook vormen van geweld worden gebruikt tegen UCK-troepen die willen profiteren van de NAVO-acties?
Een bijzonder punt van aandacht is de veiligheid van de Nederlandse militairen, in het bijzonder van degenen die in Macedonië zijn gelegerd. Is de vrees gewettigd dat zij een eerste doelwit zullen zijn van Servische vergeldingsacties? Wijst bijvoorbeeld de recente samenballing van Servische troepen aan de grens met Macedonië daar niet op? Kan de minister van Defensie daar iets over zeggen? Er doen zich meer vragen voor die hem raken. Als er wordt gebombardeerd, verandert dan ook niet de opdracht van die militairen nu zij niet meer nodig zijn om OVSE-waarnemers te beschermen of uit Kosovo te halen? Wordt hun taak nu de verdediging van het grondgebied van Macedonië? Heeft de NAVO veiligheidsgaranties gegeven aan Macedonië en de andere naburige landen? Ik meen vanmiddag begrepen te hebben dat de secretaris-generaal van de NAVO, Solana, heeft opgemerkt dat de NAVO garant zou staan voor de veiligheid van die landen. Is dat zo? Is dat ook waar te maken of moet rekening worden gehouden met het met spoed invliegen van extra materieel en personeel, dus ook vanuit Nederland?
Voorzitter! Het is onduidelijk wat bij het escalerend geweld verder nog kan worden gevraagd van ook onze krijgsmacht. Worden onze militairen daarop voorbereid? Die vraag kan ook breder worden gesteld. President Clinton heeft gisteren het Amerikaanse volk nadrukkelijk publiekelijk ingelicht en zo betrokken bij de ernst van de gebeurtenissen. Ik zou het goed hebben gevonden - dat kan nog steeds gebeuren - als de Nederlandse minister-president dit publiekelijk zou bijvallen. Daar is wel een vorm voor te vinden.
Ten slotte. Wij geven steun aan het kabinetsbeleid op dit moment en op dit punt. Ik wens de bewindslieden veel wijsheid toe, die nodig is om in internationaal verband verantwoordelijkheid te dragen voor wat verder nog moet worden gedaan.
De heer Hoekema (D66)
Voorzitter! Mijn fractie betreurt dat geweld gebruikt moet worden om een politieke oplossing voor het conflict in Kosovo mogelijk te maken, want geweld kan onschuldige burgers treffen en kan een verdere verslechtering betekenen van de toch al ernstige humanitaire noodsituatie in Kosovo en de omringende landen. Voor dat geweld bestaat naar het lijkt nu geen alternatief. Er bestond de afgelopen maanden wel een alternatief. De hoofdschuldige is president Milosevic. Hij kan, als hij wil, verder geweld nog afwenden. De fractie van D66 hoopt van harte dat verder geweld tot het uiterste beperkt zal blijven. Elke redelijke geste van de Servische autoriteiten moet worden aangegrepen om opnieuw te onderhandelen. Ik leg dan wel de nadruk op "redelijk". Aan vrijblijvende, loze gebaren van Milosevic hebben wij geen behoefte; die hebben wij in het verleden al te vaak gezien, net als het niet nakomen van afspraken. Aan dat slechte gedrag moet een einde komen. Rambouillet is de enige onderhandelingsbasis.
Voorzitter! De basis van de actie van de NAVO ter uitvoering van Actord is Veiligheidsraadresolutie 1199, aangevuld met resolutie 1203. De daarin opgenomen verplichtingen voor Milosevic, neergelegd in het akkoord met Holbrooke van oktober jongstleden, zijn door hem stelselmatig en met grof geweld geschonden. Mijn fractie heeft reeds vorig jaar uitgesproken graag een meer expliciete basis te hebben voor de dreiging met het luchtwapen. Die was echter niet haalbaar. In die omstandigheden is de keuze óf niets doen en onderhandelen zonder stok achter de deur, óf de smalle juridische basis optimaal benutten ten bate van de afwending van een nog grotere humanitaire ramp dan thans reeds het geval is. Die keuze is door een meerderheid van de Kamer met instemming van mijn fractie destijds al gemaakt door in te stemmen met Nederlandse deelname aan Actord.
Voorzitter! Wij hebben op dit ogenblik, waar het gaat om legitimatie, niets anders dan die resoluties. Daarmee moeten wij het doen. Wel zijn vragen naar de actuele positie van vooral Rusland relevant. Rusland heeft medeonderhandeld in Rambouillet en is gecommitteerd aan Rambouillet. Graag een reactie van de minister.
"Het beginnen van een oorlog is het openen van een deur naar een donkere kamer; niemand weet wat zich in de duisternis verborgen houdt", aldus een anonieme auteur vanochtend in de Volkskrant. Hij of zij heeft volledig gelijk. Vragen naar de strategie na het bombarderen zijn van belang, maar het ontbreken van precieze antwoorden op die vragen mag niet leiden tot inactiviteit of onverschilligheid van de internationale gemeenschap. Natuurlijk, de NAVO is gevangen in de eigen logica van actie en reactie en dreigen met geweld. Daarom is het ook van het grootste belang - en dat vraag ik aan het kabinet - om de respons van de NAVO gefaseerd, precies en proportioneel te laten zijn. Over welke escalatiemogelijkheden beschikken wij nog? Mij dunkt dat het gaat om verdere luchtacties. Die zijn het passende middel. Hierop hoor ik graag een reactie van het kabinet. Speculeren op inzet van grondtroepen of zelfs een totale Balkanoorlog is gevaarlijk. Geweldstoepassing is immers geen doel op zichzelf, maar gericht op het bereiken van een politieke oplossing. En dat is ondertekening en naleving van Rambouillet.
Milosevic moet onder druk van geweld inbinden, zoals hij dat drie jaar geleden ook heeft gedaan in de Bosniëoorlog. Zo niet, dan rijzen indringende vragen over hoever de westerse interventiepolitiek kan en wil gaan. Maar speculaties daarover, ja zelfs vragen aan het kabinet, zijn in dit stadium betrekkelijk vruchteloos en zelfs strijdig met het adagium dat de tegenstander in het onzekere moet worden gelaten over de volgende stap. Laten wij hopen dat die volgende stap niet noodzakelijk is. Het is aan Milosevic om dat te bepalen.
De humanitaire nood in en rond Kosovo is groot en letterlijk levensbedreigend. Honderdduizenden vluchtelingen bevinden zich in de openlucht. Mijn fractie verwacht zowel bilaterale als multilaterale actie van Nederland en de internationale gemeenschap. Welke stappen worden in dat verband genomen?
De Europese beschaving heeft na de tot hoop stemmende ontwikkelingen rond 1990 veel deuken opgelopen. Wij staan letterlijk aan de vooravond van opnieuw een deuk. De primaire verantwoordelijkheid daarvoor ligt bij het nationalistische Joegoslavië, dat vanaf 1989 de rechtvaardige ambities van een autonoom Kosovo heeft gebruuskeerd. De rechten van een niet onafhankelijk maar wel autonoom Kosovo liggen vast in Rambouillet. Dat akkoord is de basis van elke politieke oplossing voor Kosovo. Dat akkoord moet en zal door alle partijen worden ondertekend, met garanties van de internationale gemeenschap. Daar gaat het debat van vanavond over. Daar gaan ook de acties van de internationale gemeenschap over.
De gedachten van mijn fractie zijn bij de Nederlandse en andere NAVO-militairen die aan de acties deelnemen en bij de bevolking van Kosovo en de omringende landen.
De heer Blaauw (VVD)
Voorzitter! De VVD-fractie stelt het op prijs dat de minister van Buitenlandse Zaken te kennen heeft gegeven naar ons toe te komen met een verklaring over de ontstane situatie en de acties die de NAVO zal ondernemen, mede met politieke steun van de Europese Unie. Daarnaast dank ik de minister van Defensie, die hierop ogenblikkelijk heeft gereageerd en nu bij ons is. Daarom wordt het debat ook hier gehouden en niet zomaar in een commissiekamer.
Een jaar lang zijn er diplomatieke activiteiten ontwikkeld om Milosevic van het gevoerde beleid aangaande Kosovo af te brengen. Milosevic heeft geregeld de indruk willen geven dat hij tegemoetkwam aan de geuite wensen. Doch in werkelijkheid voerde hij een terreurbeleid uit. Voor de Kosovaren was er in feite van dag tot dag minder hoop.
De overeenkomst Holbrooke-Milosevic van 12 oktober vorig jaar heeft aanvankelijk hoop gegeven op een andere situatie, een situatie die op dat moment bevroren werd, maar waarin een toekomst zou kunnen zitten. Maar achteraf bekeken, kun je zeggen dat het bevriezen meer een gevolg was van de toestand van het weer dan van een werkelijke politieke humanitaire intentie van de kant van Milosevic. 1999 toonde al snel dat Milosevic alleen maar voort zou gaan met verdere onderdrukking en achterstelling van de Kosovaren, daarbij tegelijkertijd tegengeweld oproepend van de kant van de Kosovaren, in het bijzonder van het UCK. Een bijkomend effect van het geweld van Milosevic is overigens dat de verschillende politieke stromingen in Kosovo bij elkaar zijn gekomen, waar zij vorig jaar nog tegenover elkaar stonden.
Voorzitter! De onderhandelingen in Rambouillet zijn mislukt door halsstarrigheid van de Serven. Er is daarna wel bedenktijd gevraagd. De Kosovaren hebben die bedenktijd ook gebruikt en hebben uiteindelijk, na onderhandelingen onderling, hun handtekening gezet onder het Rambouilletdocument. Milosevic heeft daarentegen de geboden tijd gebruikt om de militaire aanwezigheid in Kosovo zeer sterk uit te breiden, daarbij de geweldsspiraal navenant intensiverend. Dan komen wij uiteindelijk op de laatste poging van Holbrooke die wederom mislukt is. Die is mislukt door een botte afwijzing door Milosevic van de voorstellen die binnen de normale lijnen liggen. Daarbij werd niet de soevereiniteit van de federale staat Joegoslavië aangetast, maar werd alleen een weg gekozen om in Kosovo wederom leefbare omstandigheden te creëren en Kosovo de afgenomen autonomie weer terug te geven.
De vrije democratische wereld, Rusland incluis, heeft alles in het werk gesteld om via de dialoog bij te dragen aan vrede en respect voor mensenrechten in Kosovo. Nu Milosevic echter volhardt in zijn doofheid, moeten de vrije democratische landen gebruik gaan maken van militaire middelen, hoe vervelend, hoe afkeurenswaardig en hoe afschrikwekkend dat ook is voor iedere democraat, voor iedere politicus in een democratisch land. Wij zijn gedwongen om militaire middelen in te zetten om Belgrado alsnog tot zinnen te brengen, om een verder op de vlucht jagen van Kosovaren te voorkomen, om het vernietigen van huis en haard niet voort te laten gaan en om de schending van mensenrechten en humanitaire waarden in Kosovo een halt toe te roepen. Daarbij geven wij tevens aan dat wij in een vrije democratische wereld, in ieder geval in Europa, dit soort regimes niet zullen tolereren. Wat dat betreft, is het ook een breder signaal.
Voorzitter! Andere woordvoerders hebben het ook al gehad over de slachtoffers. Zij hebben gesproken over de slachtoffers die ook aan onze zijde kunnen vallen in een militair conflict. Wij moeten ons dat ook realiseren, aangezien wij daarvoor, door de besluiten die wij hebben genomen en die wij in feite nu herbevestigen, medeverantwoordelijkheid dragen. Maar onze gedachten zijn ook bij de militairen die het NAVO-besluit moeten uitvoeren. Het groene licht voor dat besluit is overigens reeds in het verleden gegeven.
Ik heb nog een vraag over het vervolg van een en ander. Te vaak is er de neiging om in een dergelijke militaire operatie tijd te nemen tussen de diverse inzetten, waardoor in feite de indruk zou kunnen ontstaan van twijfel binnen de westerse wereld. Ik denk dat wij dat pad niet op moeten gaan. Mocht blijken dat Milosevic de tijd die hij af en toe zou krijgen, gebruikt om een finaal offensief in Kosovo in te zetten, dan moet er direct worden ingegrepen. Dan zou een militaire inzet in Kosovo tegen de Servische strijdkrachten noodzakelijk kunnen blijken.
Collega Verhagen heeft gesproken over de vluchtelingen. Uiteindelijk zijn onze gedachten ook bij die vluchtelingen. De beelden die wij zien, zijn dezelfde als die in Bosnië-Herzegovina. Een herhaling van toen treedt in feite op. Waar zullen die vluchtelingen naartoe gaan? Is het misschien juist het doel van Milosevic om zoveel mogelijk vluchtelingenstromen te creëren, om zoveel mogelijk chaos te scheppen in Kosovo, zodat daarmee de zaak in de toekomst op een soort automatische wijze etnisch gescheiden wordt? Deze vluchtelingen komen in de buurlanden terecht. Zijn reeds gedachten op papier gezet en ontwikkelingen in beweging gezet om die vluchtelingen op te vangen? Zoals andere woordvoerders al hebben opgemerkt, bestaat de kans dat de buurlanden van Joegoslavië door Milosevic bewust zullen worden betrokken in het militaire conflict. Is het waar dat de NAVO in dezen een veiligheidsgarantie of in ieder geval een militaireondersteuningsgarantie heeft gegeven voor die landen die daaronder zouden kunnen leiden?
Voorzitter! De buurlanden hebben al veel geleden onder het conflict in voormalig Joegoslavië. Ik denk dat hoog op de agenda moet worden gezet dat wij daar wat aan moeten doen. Maar dat mag ons er niet van weerhouden om in te grijpen in wat daar gebeurt onder de regie van Milosevic. Wat dat betreft, deelt de VVD-fractie de mening van anderen, sterker nog, wil zij direct naar voren brengen dat deze operatie onvermijdelijk is en de volledige politieke steun van de VVD-fractie heeft.

De heer Van Bommel (SP)

Voorzitter! Ik wil de heer Blaauw voor alle duidelijkheid nog een vraag stellen, want ik hoorde hem in bedekte termen, tussen de regels door, toch enigszins pleiten voor een eventuele inzet van grondtroepen in Kosovo als vervolg op de luchtaanvallen. Is dat inderdaad wat hij bepleit als die luchtaanvallen niet uithalen wat hij daarmee hoopt te bereiken? Is het hem ook bekend dat de inzet van grondtroepen in NAVO-kringen absoluut niet wordt overwogen?

De heer Blaauw (VVD)

Dan heeft de heer Van Bommel mij niet goed begrepen. Ik heb dat ook helemaal niet gezegd. Ik heb alleen gezegd dat wanneer Milosevic een all-out offensief in Kosovo zou gaan openen, ook daarop zal moeten worden gereageerd. Dat betekent dus dat ook bewegende doelen in Kosovo vanuit de lucht kunnen worden aangepakt, en daar hebben wij de F-16's voor.
De heer Valk (PvdA)
Mijnheer de voorzitter! Het moment dat luchtaanvallen daadwerkelijk zullen plaatsvinden, is zeer nabij, wellicht spreken de wapens al tijdens de uren van dit debat van hedenavond. Helaas, maar nu onvermijdelijk, waarvoor president Milosevic ten volle de verantwoordelijkheid draagt. Immers, hij is op geen enkele wijze tegemoetgekomen aan de eisen van de internationale gemeenschap, namelijk het stopzetten van de agressie tegen de Albanese bevolkingsgroep in Kosovo, alsmede het instemmen met de stationering van vredestroepen. Want, voorzitter, alleen dat laatste zou de garantie bieden dat de akkoorden van Rambouillet worden uitgevoerd. Immers, het voormalige Joegoslavië laat een spoor achter van niet nageleefde akkoorden die synoniem zijn voor een spoor van geweld. Vastgesteld moet worden dat de internationale gemeenschap werkelijk tot het uiterste is gegaan in zijn pogingen tot het oplossen van het conflict met vreedzame diplomatieke middelen. Talloze malen is Milosevic opgezocht door Hill, Védrine, Cook en ten slotte Holbrooke. Weken hebben de onderhandelingen geduurd die begonnen in Rambouillet. Zeer tot onze spijt moet worden vastgesteld dat de diplomatieke weg is doodgelopen. Nogmaals, voorzitter, dat is de schuld van de conflictondernemer Milosevic. Wat dat betreft, wil ik nog in herinnering roepen de Veiligheidsraadresoluties 1199 en 1203, die Servië oproepen te stoppen met de agressie en vijandigheden, resoluties die zijn aangenomen onder het regime van de zogenaamde geweldsancties, onder het regime van hoofdstuk VII.
Voorzitter! Luchtaanvallen hebben tot doel de Servische politiek tot het inzicht te brengen dat het volharden in de koers van confrontatie en geweld een hoge prijs heeft met als uiterste de vernietiging van zijn militaire infrastructuur. Luchtaanvallen zullen ook tot doel moeten hebben om aanvallen tegen Albanese burgers af te schrikken. Mijn vraag aan de bewindspersonen is in hoeverre de NAVO ook is geprepareerd op het uitschakelen van Servische militaire eenheden die zich schuldig maken aan aanvallen op bevolkingscentra in Kosovo.
Graag zou ik van de bewindslieden ook meer informatie willen over de fasering van de luchtaanvallen. Hoe stelt de NAVO zich die voor? Collega's Verhagen en Blaauw hebben daar ook op gewezen. Een snelle opeenvolging daarvan geeft Servië niet de gelegenheid om gedurende gevechtspauzes zich met hernieuwde energie te richten tegen de Albanezen dan wel de buurlanden. Anderzijds biedt fasering waarin het geweldsniveau langzaam aan wordt opgebouwd, Servië wel weer de gelegenheid om tot politieke bezinning te komen en alsnog in te stemmen met de akkoorden van Rambouillet. Het laatste is natuurlijk wel van belang, maar mag er in ieder geval niet toe leiden dat de fasering wordt aangegrepen om de agressie tegen de Kosovaren op te voeren dan wel die agressie te richten tegen buurlanden zoals Macedonië en Albanië.
Voorzitter! Een garantie op succes van de luchtaanvallen is er niet. Daarvan is mijn fractie zich bewust. De garantie op een humanitaire catastrofe is er wel als de NAVO niet de consequenties aanvaardt van haar strategie met de inzet van luchtwapens als ultimum remedium. Dat zou tot gevolg hebben dat Milosevic aangemoedigd werd zijn politiek van terreur en ontwrichting voor lange tijd voort te zetten, en dan niet alleen tegen de Albanezen in Kosovo, maar ook tegen de buurlanden Macedonië, Albanië en wellicht andere.
Voorzitter! Het is mijn fractie niet helemaal duidelijk wat de huidige positie is van de extraction force in Macedonië nu de waarnemers, weliswaar tijdelijk zo is het voornemen, zijn geëvacueerd. Welke bevoegdheden heeft de extraction force op het moment dat deze wordt aangevallen vanuit Kosovo? Is de bescherming ervan dan alleen te realiseren vanuit de lucht of beschikt de extraction force zelf over mogelijkheden om zich te verdedigen? Verdient het geen aanbeveling de militaire aanwezigheid in Macedonië uit te breiden om voorbereid te zijn op alle eventualiteiten? Ook daarvan zou een afschrikwekkende werking kunnen uitgaan. Wellicht geldt hetzelfde voor stationering van troepen in Albanië, waarvoor in de Kamer al meermalen is gepleit. Ook dat land voelt zich bedreigd door Servië.
Voorzitter! Op dit moment zijn honderdduizenden Kosovaren op de vlucht. Met name Macedonië en Albanië dragen daarvan de last. De westerse gemeenschap moet extra middelen uittrekken voor opvang en andere humanitaire hulp. Mijn vraag aan de minister van Buitenlandse Zaken is of hij zich daarvoor wil inspannen in EU-verband. Nederland kan zelf ook extra bijdragen ten behoeve van de opvang van de van huis en haard verdreven mensen.
Ik wil met twee opmerkingen afsluiten. Net is de resolutie van de Europese Raad uitgedeeld, waarin wordt onderstreept dat het noodzakelijk is de Federale Republiek Joegoslavië uit het isolement te halen. Voor het bereiken van die situatie - en dat staat terecht in deze resolutie - ligt de eerste verantwoordelijkheid bij Joegoslavië zelf via het akkoord gaan met de politiek van vrede, hervorming en democratisering.
Ten slotte merk ik op dat de PvdA-fractie zich zeer betrokken voelt bij de mannen en vrouwen die deze moeilijke taak tot een goed einde moeten brengen. Hun missie brengt bepaald risico's mee. Daarvan zijn wij ons ten volle bewust. Wij wensen hun veel sterkte toe. Dat geldt zowel voor de Nederlandse militairen als voor die van de andere landen die op dit moment in deze regio actief zijn.
Mevrouw Vos (GroenLinks)
Voorzitter! Op dit moment zijn de eerste luchtacties boven het grondgebied van Servië en Kosovo begonnen. Ik denk dat het van groot belang is dat de Kamer juist vanwege het feit dat er een oorlog begonnen is, vanavond debatteert. Deze oorlog is begonnen, omdat er sprake is van een dreigende humanitaire ramp en het ontbreken van elke andere mogelijke oplossing en elk ander mogelijk perspectief. Mogelijk zullen zelfs Nederlandse gevechtsvliegtuigen deelnemen aan deze oorlog.
Onderhandelaar Holbrooke sprak na het mislukken van zijn laatste gesprek met Milosevic van zijn somberste moment gedurende zijn jarenlange betrokkenheid bij de Joegoslavische kwestie. Dat is ook het gevoel dat mijn fractie en ook mijzelf bekruipt bij zo'n mededeling van de minister. De oorlog is begonnen, een politieke oplossing is voorlopig buiten beeld.
Afgelopen week en afgelopen weekend heeft de oorlog in Kosovo een dramatische escalatie doorgemaakt. Ruim 30.000 Servische militairen en politiemensen hebben tientallen dorpen platgebrand, mensen vermoord en mensen massaal op de vlucht gejaagd. Meer dan 250.000 mensen in Kosovo zijn op drift en tienduizenden in de buurlanden, zoals Macedonië. Hulpverleners waarschuwen voor een humanitaire catastrofe. Als in zo'n situatie elke politieke oplossing uit beeld is en één van de partijen alleen nog maar de weg van het grof geweld op grote schaal verkiest om haar gelijk te behalen, dan kun je als internationale gemeenschap niet blijven toezien.
Dit heeft deze GroenLinkse fractie tot het moeilijkste besluit van het afgelopen jaar gebracht. Wij steunen de militaire interventie middels luchtaanvallen, gericht op allereerst de bescherming van de Kosovaarse bevolking, gericht op het uitschakelen van de Servische agressie, en ten tweede gericht op het hervatten van de onderhandelingen die moeten leiden tot uiteindelijk een vreedzame oplossing in het conflict van Kosovo. De steun van GroenLinks voor militaire interventie is verbonden aan de absolute voorwaarde dat de internationale gemeenschap zich verbindt aan het realiseren van het bestand, de vredesmacht ook daadwerkelijk zal installeren en zal toezien op de veiligheid en de opbouw van een nieuw Kosovo.
De luchtaanvallen zullen moeten leiden tot het terugtrekken van de Servische troepen en het hervatten van de onderhandelingen, en dat zal moeten leiden tot een bestand en de legering van die vredesmacht. Er bestaat een risico dat de luchtacties niet leiden tot dit gewenste resultaat, tot het stopzetten van de agressie. Er bestaat een risico dat het leidt tot verdergaande wraakacties. In dat geval zal de internationale gemeenschap haar verantwoordelijkheid moeten nemen en ook in die situatie alles moeten doen om stopzetting van het geweld af te dwingen. In die situatie zal de NAVO bereid moeten zijn tot vervolgstappen, waarbij niets mag worden uitgesloten. Ik zou de minister willen vragen hoe hij daarover denkt.
Ik heb nog een aantal andere vragen. Mijn fractie heeft tot het laatste moment gehoopt dat Milosevic wel nog een betekenend gebaar zou maken en bereid zou zijn om tot een overeenkomst te komen en zijn troepen zou terugtrekken. Onze vraag is ook: wat heeft Holbrooke in die laatste onderhandelingen richting Milosevic gezegd? Is er daadwerkelijk over gesproken, als het ging om het lastige punt van die vredesmacht, dat er een mogelijkheid gezocht zou worden dat dit een brede vredesmacht zou zijn met daarin ook niet-NAVO-staten en waarin de Russen een belangrijke rol zouden spelen? Heeft Milosevic rond dit punt nog zelf openingen geboden richting de NAVO, richting de internationale gemeenschap? Dat vind ik een belangrijk punt.
Ik zou de minister ook willen vragen om ons nader te informeren over de precieze fasering van de luchtaanvallen en de doelen die men op het oog heeft. Wat ons betreft moeten die doelen echt de doelen zijn die te maken hebben met de Servische activiteiten in Kosovo.
Wij vinden het verder van groot belang dat de troepen meer ook gestationeerd zullen worden in zowel Macedonië als Albanië, ter bescherming van de bevolking daar, maar ook om als het ware vanuit die kant de mogelijkheid te hebben tot verdergaande, eventueel noodzakelijke militaire actie.
Ten slotte zou ik de minister willen vragen als het gaat om vluchtelingen, hoe het op dit moment staat met de opvang van vluchtelingen in de buurlanden, hoe het staat met de opvang van vluchtelingen in Macedonië, want dat land heeft daar grote problemen mee. Het lijkt me van groot belang - de minister zei het en heeft het ook in de brief geschreven - dat Nederland ook hier humanitaire hulp verleent en extra geld beschikbaar stelt om die regio's daarbij van dienst te zijn.
Ik zou willen afsluiten met te zeggen dat wat ons betreft niet de geloofwaardigheid van de NAVO op het spel staat zoals sommigen wel beweren. Het gaat ons om de veiligheid en de toekomst van de Kosovaarse bevolking.

De heer Van Bommel (SP)

Voorzitter! Ik hoor mevrouw Vos wederom niet expliciet zeggen dat er grondtroepen moeten komen in het uiterste geval, wanneer luchtaanvallen niet het gewenste resultaat opleveren. Maar ik vermoed dat zij dat wel bedoelt en ik veronderstel dat zij toch ook op de hoogte is van wat er door NAVO-vertegenwoordigers gezegd is, namelijk dat die grondtroepen er niet zullen komen. Komt haar steun voor luchtaanvallen daarmee niet in een raar perspectief te staan?

Mevrouw Vos (GroenLinks)

Nee, dat ben ik beslist niet met u eens. Ik heb u gezegd dat het eerste wat nu moet gebeuren het stopzetten van de agressie is, om de massale etnische zuiveringen en het massale geweld te stoppen. Ik denk dat op dit moment het enige wat mogelijk is, gerichte luchtaanvallen zijn om die agressie uit te schakelen. Ik zeg verder - dat meen ik vanuit de grond van mijn hart - dat je het uiteindelijk, gesteld dat het niet helpt, daarbij niet kunt laten. Ik denk en ik vind ook dat wij als Nederland de internationale gemeenschap daarop moeten aanspreken, dat men bereid moet zijn om vervolgstappen te zetten. Daar hebben we op dit moment nog geen zicht op. Ik denk dat het te vroeg is om daarop vooruit te lopen. Maar ik verwacht dat de internationale gemeenschap haar verantwoordelijkheid zal nemen en ervoor zal zorgen dat uiteindelijk via luchtacties en mogelijke andere vervolgstappen dat resultaat bereikt wordt.

De heer Van Bommel (SP)

Voor de duidelijkheid: door de NAVO-vertegenwoordigers is heel onomwonden uitgesproken dat de komst van 100.000 manschappen in de regio om Kosovo binnen te vallen een onhaalbare zaak is. Als dat uw uiteindelijke voorwaarde is voor succes van luchtaanvallen, dan moet uw steun ook daaraan ontvallen, mevrouw Vos.

Mevrouw Vos (GroenLinks)

Nee, dat is niet zo. Wij zeggen dat wij een goede kans zien dat die luchtaanvallen tot het gewenste resultaat leiden. Als je niet gelooft dat ze effect kunnen hebben, dan moet je er niet aan beginnen. Wij denken dat er een zeer goede kans is dat ze wel degelijk het gewenste effect hebben, namelijk het uitschakelen van de agressie en het uiteindelijk dwingen om aan de onderhandelingstafel de toekomst te regelen. Want dáár moet dat gebeuren, aan die onderhandelingstafel. Zoals ik al zei, is er een risico dat het niet gebeurt. Dan zal men vervolgstappen moeten nemen. Maar ik denk dat er nog veel vervolgstappen mogelijk zijn voordat het uiteindelijk tot een eventuele inzet van grondtroepen moet komen. Ik denk wel dat wij dat onder ogen moeten zien. Mijn fractie zal dat voortdurend onder de aandacht brengen, hier in het parlement. Ik vind het belangrijk dat wij ons die verantwoordelijkheid realiseren. Maar het is onmogelijk om vandaag te zeggen: dát is de voorwaarde die nu gerealiseerd moet worden. En als het erom gaat dat iedereen in heel Europa dan daarover moet discussiëren: die tijd hebben wij niet meer. Wij moeten nu deze actie inzetten en daarmee de verantwoordelijkheid nemen dat die uiteindelijk tot het gewenste resultaat leidt.

De heer Van Bommel (SP)

Laatste vraag, voorzitter. Andere sprekers hebben de term ook al gebruikt. Mag ik het zo opvatten dat ook u van mening bent, mevrouw Vos, dat luchtaanvallen nu eigenlijk gewoon een sprong in het duister zijn?

Mevrouw Vos (GroenLinks)

Nee, dat is absoluut niet zo. Ik denk dat luchtaanvallen noodzakelijk zijn. Ik vind het een sprong in het duister, eerlijk gezegd, om deze situatie te laten voortbestaan. Dan weet je absoluut zeker dat het geweld ongebreideld zal toenemen, dat er een hele bevolking verdreven wordt. Ik vind dat er wel degelijk een zeer goede kans is dat dit effect heeft. Maar ik erken dat er risico's zijn dat het niet zo is. En die zul je onder ogen moeten zien.
De heer Van den Berg (SGP)
Mijnheer de voorzitter! Luchtacties van de NAVO op Servische doelen - de eerste aanval op een soevereine staat in de geschiedenis van de alliantie - zijn na de slepende en vergeefse onderhandelingen in Rambouillet onvermijdelijk gebleken. Dat is een constatering die ook de SGP-fractie diep droevig stemt.
Voorzitter! Terecht heeft de minister van Buitenlandse Zaken vandaag in een persconferentie gezegd dat eigenlijk elk gebruik van geweld een nederlaag is. En dat zou hier inderdaad zeker gezegd moeten worden. Omdat niet tot een akkoord gekomen kon worden, moet helaas wel de toevlucht genomen worden tot harde maatregelen. Het is nu niet het moment om terug te blikken op de gang van zaken gedurende de laatste maanden. Zeker is niet lichtvaardig besloten tot het inzetten van geweld. De SGP-fractie kan zich overigens niet aan de indruk onttrekken dat de internationale gemeenschap de laatste weken en maanden niet echt heeft uitgeblonken door een krachtige opstelling. Wij moeten ons altijd realiseren dat een optreden dat een slepend karakter krijgt, niet alleen de geloofwaardigheid maar ook het leven en de veiligheid van de Kosovaren op het spel kan zetten. En wij vrezen dat dat toch gebeurd is.
Daarmee kom ik bij een punt dat ons zeer bezighoudt. Grote zorgen baren ons de humanitaire consequenties van de huidige situatie en ook de eventuele consequenties van het NAVO-ingrijpen. Wij hebben er in onze eerdere bijdragen, onder andere in het overleg van 21 januari, steeds met nadruk op gewezen dat het met name gaat om de bescherming van de positie van de weerloze burgers. Voordat de winter inging, was iedereen het erover eens dat koste wat het kost een dreigende humanitaire ramp voorkomen moest worden. Maar nu is het zover gekomen dat zelfs tijdens de Rambouilletonderhandelingen de Serviërs in alle hevigheid konden doorgaan met de tactiek van de verschroeide aarde. Op het moment dat de OVSE-waarnemers vertrokken, waren de risico's voor de veiligheid van de Kosovaren alleen maar groter geworden.
Voorzitter! Wij vragen de regering welke mogelijkheden zij ziet om ook in deze situatie wraakacties op de Kosovaren te voorkomen en welke maatregelen de internationale gemeenschap genomen heeft of neemt om juist deze mensen in bescherming te nemen. Zijn er nog humanitaire organisaties in het veld actief die hulp verlenen aan de burgers? Welke inspanningen worden geleverd om te voorkomen dat weerloze burgers het slachtoffer worden van represailles? Welke hulp wordt verleend met het oog op de grote vluchtelingenstromen die nu op gang zijn gekomen?
Een tweede zorg van onze fractie is wat er nu verder gaat gebeuren, ook na de luchtacties. Met de luchtacties kan de taak van de internationale gemeenschap, de OVSE en de NAVO, natuurlijk niet afgelopen zijn. Uiteindelijk zal het stationeren van een vredesmacht toch onvermijdelijk zijn, zowel om het Servische geweld in te dammen als om de burgers te beschermen. Mijn fractie vindt dat in dit debat niet kan worden ontkomen aan de vraag hoe wij nu verder moeten gaan, ook als de luchtaanvallen achter de rug zijn. Hoe kijkt de regering daar tegenaan? Wij moeten toch verder denken, zoals ik steeds heb benadrukt.
Een andere vraag is welke middelen te baat worden genomen om het conflict te kunnen beheersen. Ik denk aan het grote risico van uitstraling naar de omliggende landen. Een ander mogelijk gevaar is dat de NAVO en de Contactgroep partij worden in het conflict door zich te veel te vereenzelvigen met een pleidooi van Kosovo voor autonomie dan wel onafhankelijkheid. Die risico's maken een optreden in de toekomst niet gemakkelijker. Er liggen vele vragen, die vanavond niet allemaal kunnen worden opgelost. Er moet wel over nagedacht en met elkaar over doorgesproken worden. Wij steunen de opstelling van de Nederlandse regering en de internationale gemeenschap. Een andere weg was zeker op dit moment niet mogelijk. Wij willen evenwel nogmaals ten zeerste benadrukken dat het hierbij om mensen gaat en dat behalve een onontkoombaar harde opstelling in de richting van Milosevic en de zijnen ook bescherming van de burgers en voorkoming van verdere humanitaire rampen, die helaas zo volop aan de orde zijn, absolute prioriteit heeft.
Voorzitter! Onze wereld bloedt uit duizend wonden; dat is ook nu weer duidelijk te zien. De SGP-fractie is van oordeel dat wij ons moeten blijven inzetten voor vrede, veiligheid en gerechtigheid wereldwijd. Dat is ook onze verantwoordelijkheid. Maar onze hoop moet ten diepste gevestigd zijn op het komende Koninkrijk van God, dat gelukkig niet door wapengeweld gerealiseerd zal worden. Onze gebeden en onze gedachten vergezellen in het bijzonder de beproefde bevolking in het gebied en de militairen die met de uitvoering van deze taken zijn belast, niet het minst de Nederlandse militairen. Mogen zij Gods bescherming ervaren.
Minister Van Aartsen
Voorzitter! Als de wapens spreken, dan is er sprake van een nederlaag voor de diplomatie. Ik meen dat dit besloten is geweest in de woorden die ambassadeur Holbrooke sprak nadat hij twee dagen lang tevergeefs had geprobeerd om ten langen leste tot een akkoord te komen met president Milosevic. Ik weet hoe ambassadeur Holbrooke gebonden is aan en gedreven wordt door de mogelijkheid om vrede te scheppen in ex-Joegoslavië. Ik meen dat het ook goed is geweest dat juist hij op het eind, als allerlaatste mogelijkheid, naar Belgrado is afgereisd om president Milosevic duidelijk te maken dat het nu werkelijk ernst was en dat hij een mogelijkheid had, eigenlijk iedere mogelijkheid - de weg stond open - om vrede te bewerkstelligen.
President Milosevic is die weg helaas niet gegaan. Daarmee werd militair optreden, dat inderdaad plaatsvindt op het moment dat wij hier spreken, onvermijdelijk. Wij wensen uiteraard al diegenen die daarbij betrokken zijn en in het bijzonder onze Nederlandse mannen en vrouwen zeer veel sterkte. De heer Blaauw gebruikte die terminologie: militair optreden werd onvermijdelijk en onafwendbaar. Alle diplomatieke middelen waren uitgeput. Er was geen andere weg dan de militaire om Milosevic nu tot inkeer te brengen. Tot de heer Verhagen zeg ik dat ieder moment voor president Milosevic openstaat om de weg van vrede weer in te slaan.
De regering wil de Kamer danken voor de steun die is uitgesproken voor de stellingname van de Nederlandse regering. Het is zeker voor een aantal fracties in uw midden moeilijk om die steun uit te spreken. Wij waarderen dat zeer.
Gezien de vergaande consequenties van luchtacties voor alle partijen, inclusief de NAVO, kon de internationale gemeenschap niet lichtvaardig tot besluiten komen. Dat is ook niet gebeurd. Eerst moest de volledige zekerheid bestaan over de volledige uitputting van alle diplomatieke middelen. Vandaar dat de NAVO niet in een eerdere fase in actie is gekomen, bijvoorbeeld na Rambouillet of terstond na het vertrek van de Kosovo verificatiemissie op zaterdag.
Wat is het doel van de luchtacties? Dat doel kent vier elementen, allereerst stopzetting van excessieve militaire acties. Gegeven datgene wat er de afgelopen dagen in Kosovo is gebeurd, is dat uiterst belangrijk. Het tweede element is het voorkomen van een verdere humanitaire catastrofe. Dit is terug te vinden in de verklaring van de Europese Raad van vandaag. Het derde element is de ondertekening van het Rambouilletakkoord. Het vierde en laatste element is het afdwingen van de al eerder gemaakte afspraken met de NAVO over de terugtrekking van eenheden. Er lag al een akkoord uit oktober, dat door Milosevic ook niet is uitgevoerd, sterker nog, dat hij telkenmale aan zijn laars heeft gelapt.
Zullen de acties proportioneel zijn? Zal het een gefaseerde manier van opereren zijn? De minister van Defensie zal hier uiteraard dieper op ingaan, maar het is inderdaad de bedoeling dat de acties proportioneel zijn en gefaseerd tot stand komen, zonder dat dat voor president Milosevic de mogelijkheid opent dat zijn troepen wraakacties of anders geaarde tot de burgers van Kosovo gerichte acties ondernemen.
Hoe moeten wij de doelen bereiken? Het is het oogmerk van de NAVO om Joegoslavië militair zodanig te raken, dat het vermogen om het huidig offensief voort te zetten in hoge mate wordt verkleind en daarmee verdere humanitaire ellende wordt voorkomen. Een van de belangrijkste oogmerken van de luchtacties is het zodanig verhogen van de druk, dat president Milosevic wordt gedwongen een akkoord te tekenen. Alleen zo kan er vrede op de westelijke Balkan ontstaan.
De algehele strategie van de internationale gemeenschap is en blijft gericht op het bereiken van een politieke oplossing met erkenning van de soevereiniteit van de Federale Republiek Joegoslavië. Uiteraard zal de Nederlandse regering daar zeer bijzonder op letten. Ik hecht eraan om te benadrukken dat de luchtacties instrumenteel zijn. Het zijn geen vergeldingsacties. Dat element is aan te treffen in de verklaring die vandaag door de Europese Unie is uitgebracht. Het is geen militaire actie gericht tegen de bevolking van Servië. Het is een actie gericht tegen het leiderschap van president Milosevic.
Hoe zou de heer Van Bommel de heer Milosevic willen dwingen om te onderhandelen? Hoe kunnen wij een eind maken aan die enorme ramp die zich daar voltrekt? Hoe kunnen wij vrede bewerkstelligen op de Balkan, in ex-Joegoslavië? Werkelijk alles is de afgelopen maanden geprobeerd, en het einde is nu bereikt.
Mevrouw Vos zei ook terecht dat de luchtacties niet worden uitgevoerd om de geloofwaardigheid van de NAVO te redden, maar om een humanitaire catastrofe te voorkomen en om een politieke oplossing voor Kosovo af te dwingen. De regering is dat uiteraard met haar eens. De NAVO verklaart de Federale Republiek Joegoslavië ook niet de oorlog, maar zet militaire middelen in ter afdwinging van internationale eisen. President Milosevic heeft tot op heden minachting betoond voor de internationale gemeenschap, niet alleen door akkoorden te blokkeren maar ook door andere eisen van de internationale gemeenschap niet na te komen, waaronder de afspraken over de aantallen troepen en eenheden in Kosovo. Ik kan het niet anders betitelen. De Kosovaren hebben in een laat stadium het Rambouilletakkoord getekend, zowel het politieke als het militaire deel daarvan, waarin voor hen moeilijke elementen zaten. Zij hebben, wat dat betreft, een positieve houding getoond. Ik denk dat die houding niet tegemoet moet worden getreden met cynisme, maar met lof. De verantwoordelijkheid voor het mislukken van het overleg ligt daarmee geheel bij Belgrado, dat de consequenties onder ogen ziet.
Naar aanleiding van de opmerking van de heer Van Middelkoop wil ik wederom, zoals ik eerder in algemene overleggen met de Kamer heb gedaan, benadrukken dat de luchtacties niet door het UCK mogen worden aangegrepen om eigen acties of eigen strijd voort te zetten. Vanaf het begin is ook duidelijk gemaakt dat de NAVO niet de luchtmacht van het UCK is. De NAVO treedt niet op en zal ook niet optreden om de onafhankelijkheid van Kosovo te bewerkstelligen.
Het is nu niet het moment om uitvoerig te spreken over het thema "stabiliteit en veiligheid in de westelijke Balkan en op de Balkan als geheel". Naar stabiliteit en veiligheid zal moeten worden gestreefd. De Europese Unie zal daar naar het oordeel van de Nederlandse regering de komende periode een uiterste inspanning voor moeten doen. Grote aandacht zal ook moeten uitgaan naar de gevolgen van acties die nu worden ondernomen voor omringende gebieden. De heren Van Middelkoop en Blaauw spraken over de garanties die zijn gegeven aan de omliggende landen, met name aan Macedonië. Het is juist dat de secretaris-generaal van de NAVO brieven heeft geschreven aan de presidenten van de omringende landen, waarin wordt verklaard dat de NAVO een aanval op hun grondgebied zeer ernstig zal opnemen. De veiligheid van de NAVO is nauw verbonden met de veiligheid van alle partnerlanden. De secretaris-generaal heeft dat in een brief vastgelegd en naar ik meen ook telefonisch aan de betrokken presidenten laten weten. De minister van Defensie zal de Kamer zo dadelijk nader inlichten over de meer operationele kant daarvan.
De heer Van Bommel vroeg naar de legitimering van het NAVO-optreden: is er eigenlijk wel een legitimering voor het NAVO-optreden? Alle sprekers hebben aandacht besteed aan de resoluties 1199 en 1203. Ik meen dat resolutie 1199 van 8 oktober 1998 is, terwijl resolutie 1203 tot stand is gekomen nadat er een akkoord was gesloten tussen Milosevic en de NAVO. Beide resoluties vormen de basis voor de luchtacties, zoals die nu plaatsvinden. De eisen die in die resolutie van de Veiligheidsraad zijn gesteld, zijn ook gebaseerd op hoofdstuk VII van het VN-Handvest. Dat betekent dat de situatie in Kosovo vanwege de gevolgen voor de regionale vrede en veiligheid door de internationale gemeenschap niet langer ook als een interne aangelegenheid van de Federale Republiek Joegoslavië kan worden beschouwd. Dat is het standpunt dat de Nederlandse regering in de afgelopen maanden consequent heeft ingenomen, welk standpunt gelukkig door deze Kamer is gedeeld.
Voorzitter! In algemene, maar ook in principiële zin, is de regering van mening - ik heb dat gisteren in het debat over de begroting van Buitenlandse Zaken aan de overzijde ook gezegd - dat voor operaties als deze een legitimatie moet zijn in een resolutie van de Veiligheidsraad, uiteraard gekoppeld aan het Handvest van de Verenigde Naties. Maar ik hecht er ook aan - dat is overigens nu niet aan de orde - te zeggen dat er omstandigheden denkbaar zijn, met name op het punt van humanitaire rampen, waarbij ook de mogelijkheid tot optreden zou moeten bestaan, zonder dat er een dergelijke resolutie is. Dat geldt voor uitzonderingsgevallen, maar in dit geval is dat in ieder geval niet het geval. Deze Kamer heeft die lijn in de afgelopen maanden gelukkig onderschreven.
De heren Van Bommel en Verhagen hebben gesproken over de Russische Federatie. De heer Verhagen heeft mij een aantal vragen gesteld, waarop ik eigenlijk op dit moment geen goed antwoord kan geven. Ik geloof dat het ook niet juist zou zijn als ik wat dat betreft te ver in de toekomst zou kijken. Wel zou ik willen benadrukken dat alle stappen die tot op heden zijn genomen, dus het hele diplomatieke traject dat uiteindelijk heeft geleid tot Rambouillet, zijn genomen in nauw overleg met de Russische Federatie. De Russische Federatie heeft mee onderhandeld aan het akkoord van Rambouillet, en zoals ik vorige week al heb gezegd - ik wil dat in deze plenaire zaal herhalen - is het in de Russische Federatie zeer te prijzen dat men de afgelopen dagen pogingen heeft gedaan om president Milosevic van gedachten te doen veranderen. Maar ook Ivanov moest zonder resultaat Belgrado verlaten. Ik heb nog geen kennis kunnen nemen van de reactie van president Jeltsin, waarover de heer Verhagen sprak. Voor de Russische Federatie geldt dat zij in alle stadia, conform het waarschuwingsmechanisme en de afspraken die zijn gemaakt tussen NAVO en Russische Federatie, zijn ingelicht. Dat is dan ook mede de reden geweest waarom premier Primakov dezer dagen terugkeerde terwijl hij onderweg was naar Washington. Voor de Russische Federatie geldt ten aanzien van vraagstukken die de NAVO aangaan het adagium dat zij niet voor verrassingen mag worden gesteld, maar dat zij ook geen vetorecht bezit en zou moeten bezitten. Dat in de komende jaren diep geïnvesteerd moet worden in de relatie met de Russische Federatie, in de relatie tussen NAVO en Russische Federatie en in de relatie tussen de Europese Unie en de Russische Federatie, staat wel vast, want uiteraard kan een zo groot en belangrijk land, een kernmacht, niet genegeerd worden in de wereldgemeenschap. De Nederlandse regering heeft die intentie in genen dele. Het is voor mij moeilijk - dat wil ik in alle openheid zeggen - om nu al een volledig antwoord te geven als het gaat om de reactie van de Russische Federatie. Nogmaals, ik heb wel enige hoop wat dat betreft, om de doodeenvoudige reden dat de acties niet als een verrassing zijn gekomen. De reden waarom de acties nu worden uitgevoerd, is mede het ten uitvoer brengen van een akkoord waar de Russische Federatie zelf aan heeft meegewerkt.

De heer Van Bommel (SP)

Voorzitter! Ik had de stellige overtuiging dat de Russische Federatie het akkoord van Rambouillet als enig lid van de Contactgroep juist niet had ondertekend. De minister suggereert nu volledige instemming met dat akkoord door de Russische Federatie. Graag duidelijkheid op dat punt.

Minister Van Aartsen

Voorzitter! Neen, de Russische Federatie heeft volledig meegewerkt aan de totstandkoming van dit akkoord. Zoals de heer Van Bommel weet, is de Russische ambassadeur niet aanwezig geweest bij de ondertekening van dat akkoord door de Kosovaarse delegatie. Dat wil niet zeggen dat het akkoord intellectueel, maar ook overigens, niet mede het bezit is van de Russische Federatie.

De heer Verhagen (CDA)

Voorzitter! Ik ben tevreden over het antwoord op mijn vraag over het toekomstige scenario en de stappen die zijn gezet, maar ik heb ook nog gevraagd naar mogelijke wapenleveranties. Dat is namelijk een bedreigend element.

Minister Van Aartsen

Die leveranties zijn er inderdaad geweest, maar ik denk dat mijn collega van Defensie daar nader op zal ingaan.
De heren Verhagen en Blaauw hebben mij gevraagd hoe het zit met het weigeren van toestemming door de Oostenrijkse regering om het luchtruim van Oostenrijk te gebruiken. Mij heeft dat bericht pas bereikt nadat ik Berlijn al had verlaten. De ministers van buitenlandse zaken hebben vanochtend vrij uitvoerig in de Algemene Raad met elkaar gesproken over de resolutie die de Kamer inmiddels kent. Daarbij is mij niet opgevallen dat Oostenrijk een meer bijzondere positie terzake innam. Ik heb het persbericht, daterend van de tweede helft van vanmiddag, gezien, maar ik heb het nog niet bevestigd kunnen krijgen. Het lijkt mij verstandig om daar nu niet verder op te reageren. Als het bericht inderdaad zou kloppen, dan zou dat zeer teleurstellend zijn, want dan zou het een EU-lid zijn dat zo'n reactie zou vertonen. Dan zal daar in EU-verband zeker nader over worden gesproken.
Dan de vraag naar de inderdaad hemeltergende situatie van de vluchtelingen. Wij worden inderdaad opnieuw geconfronteerd met stromen vluchtelingen waar geen eind aan lijkt te komen. Onder anderen de heren Verhagen en Blaauw, mevrouw Vos en de heren Van den Berg en Hoekema hebben gevraagd welke gevolgen dit heeft voor Macedonië. Op dit moment bevinden zich daar ongeveer 7000 vluchtelingen, maar dat aantal neemt hand over hand toe. Velen kunnen voorlopig van een verblijf worden voorzien, maar ook duizenden vluchtelingen zijn inderdaad hulpbehoevend. De VN-organisaties richten zich op een instroom van 15.000 vluchtelingen en hebben daarvoor hulpgoederen ter plaatse.
In de brief heeft u kunnen lezen dat de Nederlandse regering deze week ongeveer 7 mln. ter beschikking heeft gesteld, waarvan in ieder geval 3 mln. aan de UNHCR en een bepaald bedrag aan Unicef. Er is uiteraard ook geld gegeven aan het Rode Kruis en aan het World Food Program. De Nederlandse regering heeft in ieder geval dat initiatief genomen en wij hopen dat andere landen dat initiatief zullen volgen. Wij hebben daar, zij het kort, vanochtend als ministers van buitenlandse zaken over gesproken. Uiteraard moet Macedonië worden geholpen. Overigens is het internationaal comité van het Rode Kruis nog op volle sterkte aanwezig in Kosovo. Volgens de laatste berichten - dat kan na vandaag veranderen - kan het internationale Rode Kruis de situatie nog aan. Er zijn ook andere mogelijkheden, zoals lokale hulporganisaties die hulp kunnen bieden.
Minister De Grave
Mijnheer de voorzitter! Volgens de informatie die ik zojuist kreeg, zijn er op het moment dat wij dit debat voeren honderden vliegtuigen in de lucht. De minister van Buitenlandse Zaken heeft zeer duidelijk uitgelegd waarom dat gebeurt. In mijn wijze van zien heeft dat niets te maken met de geloofwaardigheid van de NAVO. De geloofwaardigheid van de NAVO is niet het onderwerp waar het over gaat, het gaat over de geloofwaardigheid van de internationale gemeenschap in haar wens en overtuigingskracht de internationale rechtsorde te handhaven.
De doelen van de luchtaanvallen zijn militaire doelen, luchtafweer, commandocentrales, communicatiemiddelen en militaire stellingen. Dat moet onderstrepen dat de NAVO geen actie voert richting de burgerbevolking van de Federale Republiek Joegoslavië, maar dat de acties zijn gericht op de politieke doelstellingen van de internationale gemeenschap. De politieke doelstellingen die zijn geformuleerd, zijn gericht op het nakomen van de afspraken die op dat punt in Parijs zijn gemaakt. Het spreekt vanzelf dat zodra de Federale Republiek Joegoslavië aan deze geformuleerde eisen van de internationale gemeenschap voldoet, de NAVO de luchtaanvallen ogenblikkelijk zal beëindigen.
Ik kan bevestigen dat de eerste en de tweede fase, zoals die zijn geformuleerd - de eerste fase is de uitschakeling van de luchtverdediging en de tweede fase betreft acties die zijn gericht op het militaire vermogen van Servië in Kosovo - in belangrijke mate in elkaar zijn geschoven. De NAVO is namelijk van mening, terecht, dat de ongekende ontplooiing van militaire middelen in Kosovo het noodzakelijk maken om acties te ondernemen tegen de militaire capaciteit van Servië in Kosovo. Dat neemt niet weg dat de secretaris-generaal van de NAVO permanent beschikbaar blijft en dat één telefoontje van de heer Milosevic genoeg kan zijn om de aanvallen ogenblikkelijk te beëindigen.
Voorzitter! Ik kan de Kamer meedelen dat Nederland deelneemt aan de eerste en tweede fase, met andere woorden: Nederland zal de komende uren deelnemen aan de acties. Dat doet Nederland overigens samen met België, Canada, Duitsland, Denemarken, Frankrijk, Italië, Noorwegen, Portugal, Spanje, Turkije, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. Ik zeg dit met zoveel nadruk omdat daarmee wordt onderstreept dat er zeer brede steun voor deze activiteiten is. Hij is er dus niet alleen in woord en geschrift, maar wordt daadwerkelijk onderstreept door actieve deelneming van vliegtuigen van deze landen aan de acties. Griekenland doet om bekende redenen niet mee. Hetzelfde geldt voor Luxemburg en IJsland. De drie nieuwe NAVO-landen doen om operationele redenen niet mee.
Voorzitter! Vanzelfsprekend heb ik uitvoerig contact gehad met de chef defensiestaf, admiraal Kroon, over met name de voorzorgsmaatregelen die zijn getroffen vanwege de uitstraling die een en ander kan hebben op Nederlandse eenheden in Bosnië. Er is ook uitvoerig contact geweest met de bataljonscommandant in Bosnië. Alle maatregelen die maximaal kunnen bijdragen aan de veiligheid van de Nederlandse militairen in Bosnië zijn genomen. Wij moeten namelijk rekening houden met de mogelijkheid van vergeldingsacties. Ik kan de Kamer meedelen dat besloten is om, gelet op de situatie, de strategische reserve te activeren. Dit betekent dat de strategische reserve "on short notice" is gesteld. Voor Nederland betekent dit dat het daarvoor beschikbare bataljon mariniers, de mortieropsporingsradareenheid van de mariniers, on short notice is gesteld, hetgeen betekent dat deze binnen een aantal dagen daadwerkelijk kan worden toegevoegd aan SFOR, voorzover de ontwikkelingen dat vergen.
Voorzitter! Vanzelfsprekend heb ik met de chef defensiestaf ook uitvoerig gesproken over de situatie in Macedonië. Daarover is terecht een groot aantal vragen gesteld, in de eerste plaats over de positie van de extraction force. Over de complexe situatie is vrijdag uitvoerig in het kabinet gesproken. In zekere zin kan gesteld worden dat de missie van de extraction force door het terugnemen van de waarnemers uit Kosovo is beëindigd. Omdat het Nederlandse kabinet - de Nederlandse Kamer - uitsluitend een mandaat heeft gegeven voor activiteiten van Nederlandse militairen voor de extraction force, is de reden voor activiteiten van Nederlandse militairen weggevallen. Tegelijkertijd weet de Kamer dat een aantal andere landen extra eenheden in Macedonië heeft gestationeerd in het kader van de omvorming van de extraction force tot enabling force voor het geval er wel een akkoord kan worden gesloten. Dan moeten zo snel mogelijk NAVO-eenheden ter voorbereiding van KFOR Kosovo in kunnen trekken om de situatie te stabiliseren.
Hoewel enerzijds de logica met zich brengt dat Nederlandse eenheden, waar hun mandaat en activiteiten zijn weggevallen, worden teruggetrokken, is er anderzijds Nederlandse betrokkenheid bij KFOR, gelet ook op de discussie hierover met de Kamer, te verwachten. Het zou in dat verband heel vreemd zijn als die eenheden in deze fase worden teruggetrokken. Ik benadruk dat Nederlandse eenheden niet zullen opereren anders dan binnen het daarvoor door de Kamer gegeven mandaat. Ook activiteiten van Nederlandse eenheden in de extraction force kunnen zich slechts beperken tot defensieve maatregelen, die zijn onderstreept door het ter beschikking stellen aan de extraction force van de mortieropsporingsradareenheid. Wat de bredere situatie rond Macedonië en de extraction force betreft, kan ik de Kamer meedelen dat de Saceur daarover contact heeft opgenomen met de chef van de defensiestaf van het Joegoslavische leger. Betrokkene heeft meegedeeld dat de extraction force en de eenheden van de enabling force qua bewapening en qua omvang absoluut niet in staat zijn enige offensieve actie te ondernemen tegen Servië. Hij heeft verder gewaarschuwd voor de meest ernstige consequenties indien Servië desondanks agressie zou plegen tegenover de extraction force.
De minister van Buitenlandse Zaken is reeds ingegaan op de brieven en de telefonische contacten tussen de secretaris-generaal van de NAVO en omringende landen. Het is duidelijk dat agressie van de kant van Servië tegen omringende landen een zeer ernstige escalatie van de situatie met zich zou brengen. Er zijn op dit moment geen concrete aanwijzingen dat Servië dat overweegt. Mocht dat wel het geval zijn, dan is duidelijk dat een NAVO-reactie niet kan uitblijven. Dat blijkt ook uit de brieven van de secretaris-generaal van de NAVO. Operationeel-militair gesproken is mijn informatie dat het luchtwapen in staat zou zijn om dergelijke activiteiten van agressie tegen buurlanden zeer effectief te bestrijden, uitgaande van de superioriteit van de NAVO in het luchtruim. Nogmaals, er zijn op dit moment geen aanwijzingen waaruit blijkt dat Servië dat serieus wil overwegen. De contacten met de secretaris-generaal zien toe op de mogelijke inzet, dan, van het luchtwapen. In operationeel opzicht, in de planning, wordt daar dus ook rekening mee gehouden.

De heer Hoekema (D66)

In Macedonië bevindt zich nog het restant van een VN-macht, UNPREDEP, waarvan het bestaan door het Chinese veto niet kan worden gecontinueerd. Wat gebeurt er met die eenheden van de VN-macht? Worden zij teruggetrokken? Blijven zij zolang deze situatie voortduurt? Worden zij omgevormd tot een andere krijgsmacht?

Minister De Grave

Ik weet dat niet. Misschien dat mij nog snel enige informatie kan worden gegeven, maar ik weet niet hoe de situatie rond UNPREDEP is. Als ik daarover nog informatie krijg, zal ik die de Kamer meedelen.

De heer Valk (PvdA)

Ik heb nog een vraag over de extraction force. In hoeverre wordt op dit moment door de NAVO overwogen om de extraction force uit te breiden, juist om geprepareerd te zijn op eventualiteiten?

Minister De Grave

Om begrijpelijke redenen heb ik niet de vrijheid om op dit punt al te veel in detail te gaan. Naast hetgeen wij met elkaar hebben besproken over de radaropsporingseenheid, zijn en worden andere activiteiten ondernomen ter vergroting van de defensieve mogelijkheden van de extraction force, ook voor bepaalde situaties. Overigens zal naar bevind van zaken worden gehandeld. Dat is afhankelijk van de verdere ontwikkeling. Wij gaan er nog steeds van uit, en wij hopen dat ook krachtig, dat de luchtacties leiden tot de hervatting van het diplomatieke overleg, dat de extraction force zo snel mogelijk kan worden omgebouwd tot de enabling force en zo snel mogelijk Kosovo binnen kan gaan ter stabilisering van de situatie in Kosovo.
Voorzitter! De heer Verhagen heeft gevraagd naar berichten over leveranties van wapens door de Russische Federatie aan Servië. Het lijkt mij dat een reactie hierop de nodige voorzichtigheid vraagt. De Russische Federatie is immers partij bij het wapenembargo. Wij moeten er dus van uitgaan dat de Russische Federatie zich aan haar verplichtingen op dat punt houdt. Er zijn aanwijzingen dat dit niet is gebeurd. Het is evenwel onduidelijk in hoeverre de Russische Federatie daar ook bij betrokken is geweest. Er wordt in ieder geval rekening gehouden met de mogelijkheid dat zeer moderne Russische luchtverdedigingsmogelijkheden in het bezit zijn van Servië. Daar wordt in ieder geval in operationeel opzicht rekening mee gehouden. Laat ik het voorlopig daarbij houden. Los van de vraag of de Russische Federatie zo zal reageren, wordt door de NAVO in sterke mate betwijfeld of de Russische Federatie operationeel in staat zou zijn om een effectieve bijdrage te leveren aan de versterking van de activiteiten van de Joegoslavische federatie. Dat is dus een operationele vraag. De politieke vraag is natuurlijk of de Russische Federatie überhaupt voornemens is om dat soort activiteiten te doen.
Nogmaals, wij moeten de grootst mogelijke voorzichtigheid betrachten, want wij weten absoluut niet of de Russische Federatie er actief bij betrokken is geweest. De NAVO houdt echter wel rekening met het feit dat de Joegoslavische republiek beschikt over moderne luchtverdedigingsmiddelen die niet al te lang geleden in haar bezit zijn gekomen.
Voorzitter! Ik kom even terug op de vraag van de heer Hoekema over UNPREDEP, omdat ik daar zojuist informatie over heb gekregen. Mij wordt meegedeeld dat een deel van UNPREDEP is vertrokken. Het Amerikaanse deel ter grootte van een bataljon bevindt zich nog in Macedonië en is onder NAVO-commando gesteld. Het gaat daarbij om beveiligingsmaatregelen in geval van een eventuele vergeldingsactie van de Federale Republiek Joegoslavië in de richting van Macedonië en de extraction force. De discussie over de noodzaak van een voortzetting van UNPREDEP, de eventuele vorm, het mandaat, de rol en de samenstelling is nog gaande. Daar is Defensie op dit moment niet bij betrokken.
De heer Hoekema heeft opgemerkt dat een begin van een oorlog iets is als het binnengaan van een donkere kamer. Ik kan mij wel vinden in dat beeld. Ik ben met hem van mening dat het heel weinig zin heeft om in zo'n situatie heel erg veel "what if"-vragen te stellen. De kernvraag luidt: is er een alternatief? Ik zie dat absoluut niet. Ik ben net teruggekeerd van een bezoek aan Slovenië, een klein land. Tijdens dat bezoek heb ik met veel autoriteiten gesproken. Een aantal van hen kent Milosevic goed uit de tijd waarin Slovenië nog onderdeel uitmaakte van de Federale Republiek Joegoslavië. Eén ding was helder: dat Milosevic slechts één taal verstaat. Er was bij de Slovenen geen enkele twijfel dat deze actie van de NAVO de enige mogelijkheid is om de situatie in de Balkan te stabiliseren. Ik kan de Kamer meedelen dat de Slovenen er geen seconde over hebben getwijfeld om hun luchtruim wel ter beschikking te stellen. Dat zeg ik even met enige nadruk, omdat het een klein land is. Als er enige represailles plaatsvinden, dan zou Slovenië daar ook bij betrokken kunnen zijn.
Ik denk dus dat het niet goed is om te vragen wat er allemaal kan gebeuren als Milosevic zus of zo handelt. De enige goede vraag op dit moment is: is het verantwoord om de NAVO in de huidige situatie haar gang te laten gaan? Ik denk, met de overgrote meerderheid van de Kamer, dat er geen reëel alternatief is. Niet handelen zou namelijk niet de geloofwaardigheid van de NAVO vernietigen, maar dat zou de geloofwaardigheid van de internationale gemeenschap in de wens om de internationale rechtsorde te handhaven, vernietigen. En dat is nog veel erger!

De heer Van Bommel (SP)

Voorzitter! De minister van Defensie zegt dat de vraag over de manier van handelen wanneer niet het gewenste resultaat wordt bereikt, niet de juiste vraag is. Maar de vraag ligt vooral op tafel, omdat er vanuit de NAVO door diverse vertegenwoordigers is gezegd dat het escalatievermogen van de NAVO niet in die zin beschikbaar is, dat men bereid zou zijn om grondtroepen te sturen. Kan de minister daar een duidelijke uitspraak over doen?

Minister De Grave

Voorzitter! In mijn wijze van zien gaat de kernvraag over de geloofwaardigheid van de internationale gemeenschap als het gaat om de overtuiging en de wens om de internationale rechtsorde te handhaven. Dat betekent - de heer Van Bommel zal dat met mij eens moeten zijn - dat na het maanden lang pogen om oplossingen langs diplomatieke weg te bereiken, na de permanente schendingen door de heer Milosevic van gemaakte afspraken, de opbouw van de militaire aanwezigheid in Kosovo in strijd met alle afspraken die daarover zijn gemaakt, in onze ogen geen andere actie dan deze mogelijk is. Als de situatie zich verder ontwikkelt, blijft voor de Nederlandse regering de kern de geloofwaardigheid van de internationale rechtsorde, het voorkomen van een humanitaire ramp in Kosovo. Dan zullen vragen opnieuw moeten worden beantwoord met de dan aanwezige kennis. Het lijkt mij weinig zin te hebben om op het moment dat je een afweging moet maken, te denken en te verwachten dat er op alle mogelijke vragen een exact antwoord is te formuleren. Wij moeten dus werken vanuit de overtuiging die de Nederlandse regering vanaf het begin heeft geformuleerd en door de Kamer is gesteund, dat de geloofwaardigheid van de internationale rechtsorde, voorkoming van een humanitaire ramp op de Balkan, leidraad moet zijn en is voor ons handelen. In deze fase denk ik dat wij moeten handelen en opereren en dat er geen andere conclusie kan worden getrokken dan dat de NAVO moet worden gevraagd om met militaire middelen te bereiken dat het diplomatieke proces opnieuw kan worden gestart.

De heer Van Bommel (SP)

Voorzitter! De minister zegt dat ook in mijn ogen duidelijk zal zijn dat er geen andere mogelijkheid was, maar daarover verschillen wij duidelijk van mening. Nog steeds ligt mijn vraag op tafel, omdat het antwoord door sommige NAVO-vertegenwoordigers al is gegeven. Of ontkent de minister dat en zegt hij dat de NAVO geen uitlatingen heeft gedaan over de onmogelijkheid van het zenden van grondtroepen? Dergelijke uitlatingen zijn naar mijn mening wel gedaan.

Minister De Grave

Voorzitter! In mijn wijze van zien heb ik die vraag al kristalhelder beantwoord. Die vraag is op dit moment ook niet aan de orde. Wij, de internationale gemeenschap gaat ervan uit dat deze activiteiten van de NAVO ertoe zullen leiden dat president Milosevic bereid zal zijn om de diplomatieke onderhandelingen te hervatten. Dat is ook het doel. In deze omstandigheden, in deze fase is dit de stap die wij moeten zetten. Waar dit het streven en het doel is en de politiek daarop is gericht, lijkt het mij buitengemeen weinig verantwoord om allerlei "wat als"-vragen te stellen. Ik denk dat de vraag moet zijn wat er dan moet worden gedaan aan de huidige situatie, en de vraag van mevrouw Vos aan de heer Van Bommel vond ik dan ook heel terecht. Ik moet eerlijk zeggen dat ook ik van hem nog geen begin van een antwoord daarop heb gehoord, anders dan gewoon accepteren dat het internationale recht in de goot ligt. Als minister van Defensie wil ik daar in ieder geval niet de verantwoordelijkheid voor dragen.

De heer Van Bommel (SP)

Dat antwoord zal ik u straks geven, want natuurlijk is er best het een en ander over te zeggen, maar u doet er geen uitspraak over dat er vanuit het NAVO-hoofdkwartier geluiden komen dat het onmogelijk is om grondtroepen in Kosovo in te zetten, waardoor de nu uitgevoerde actie in een heel ander licht komt te staan. U wilt daar kennelijk geen uitspraak over doen.

Minister De Grave

U hebt die discussie ook al met mevrouw Vos gevoerd. Ik ontken en vind het ook onlogisch dat u op het moment dat de vraag voorligt of na maanden van onderhandelen al dan niet militaire middelen moeten worden ingezet om ervoor te zorgen dat de oplossing aan de onderhandelingstafel wordt gezocht, zegt dat u dat alleen maar wilt overwegen als u ook antwoord hebt op de vraag of er al dan niet grondtroepen kunnen worden ingezet. Ik neem overigens aan dat u er ook op tegen bent om die in te zetten. Ik vind dat onlogisch omdat u daarmee alles aan alles koppelt in een situatie waarin ik die koppeling niet zie.
Ik heb bovendien klip en klaar gezegd dat voor de Nederlandse regering die vraag op dit moment niet aan de orde is, omdat wij ervan uitgaan en daarvoor goede argumenten menen te hebben dat inzet van het luchtwapen zal leiden tot het politieke doel dat is gesteld en dat door de minister van Buitenlandse Zaken ook duidelijk is geformuleerd, namelijk de acceptatie door de heer Milosevic van de afspraken die in Parijs zijn gemaakt.

De heer Van Middelkoop (GPV)

Voorzitter! Ik heb er even over nagedacht, maar ik ben toch niet erg gelukkig met de bijval van de minister met het beeld dat de heer Hoekema eerder neerzette, te weten dat de actie die nu gestart is, in zekere zin het binnenlopen van een donkere kamer is. Als dat zo zou zijn, weet je ook niet precies hoe je proportioneel en gefaseerd moet handelen, en dat weten wij wel. Waarom het gaat, is dat wij de militaire ruggengraat van Milosevic willen breken. Dat is iets anders dan het binnentreden van een donkere kamer, iets wat ik onverantwoord zou vinden. Ik geef geen instemming aan onverantwoorde handelingen. Daar is op dit moment ook totaal geen sprake van.

Minister De Grave

Daarom heb ik gezegd dat ik het beeld herkenbaar vind. Dat is wat anders dan dat ik er helemaal mee instem. Ik geloof ook dat de heer Hoekema zoiets heeft bedoeld. Natuurlijk doe je maar niet wat. Dit is echter geen wiskunde. Je kunt niet alle argumenten en elementen in de computer stoppen, waarna er een antwoord uit rolt. Dit zijn calculaties, inschattingen in situaties die geen precedent kennen. Je weet niet hoe erop wordt gereageerd. Dat element spreekt mij aan in het geschetste beeld. Wij moeten niet de indruk proberen te wekken dat dergelijke ontwikkelingen een mathematische voorspelbaarheid hebben. Wij nemen er risico's mee, maar wel verantwoorde risico's. Er is lang over nagedacht, er is uitvoerig over gesproken en er is zeer brede internationale consensus over. De indruk mag evenwel niet worden gewekt dat wij precies weten waar dit proces eindigt. Ik herhaal dat er risico's aan zitten. Het beeld dat de heer Hoekema heeft geschetst, is correct, doch daaruit mag niet de indruk worden gedestilleerd dat wij maar wat doen en absoluut niet weten waarmee wij bezig zijn.
Voorzitter! Ik wil mijn bijdrage beëindigen met op te merken dat op de minister van Defensie natuurlijk heel nadrukkelijk de primaire verantwoordelijkheid drukt voor het inschakelen van Nederlandse militairen, mannen en vrouwen. Ik wil benadrukken dat ik de overgrote meerderheid van de Kamer buitengewoon erkentelijk ben voor het feit dat ik mij door haar nadrukkelijke steun in mijn verantwoordelijkheid voel gesterkt. Ik weet zeker dat dit niet alleen voor mij geldt, maar ook voor de Nederlandse mannen en vrouwen aan wie daadwerkelijk wordt gevraagd een bijdrage te leveren aan het bereiken van het politieke doel dat wij met zijn allen stellen, namelijk het herstel van de internationale rechtsorde in Kosovo.

Mevrouw Vos (GroenLinks)

Ik wil nog graag een paar vragen stellen die te maken hebben met de samenstelling van een eventuele vredesmacht, mocht er een bestand komen. Is in het voorstel serieus sprake van deelname van de Russische Federatie aan zo'n vredesmacht? Was dat in elk geval de opzet? Was zij daartoe bereid? Is daarover met de heer Milosevic gesproken om die vredesmacht voor hem acceptabeler te maken?

Minister De Grave

Voorzitter! Ik weet dat daarover uitvoerig contact is geweest met de Russische Federatie, maar ik weet niet hoe de situatie op dit moment is. De minister van Buitenlandse Zaken heeft er al op gewezen dat de heer Ivanov in Servië is geweest en dat van de kant van de Russische Federatie nadrukkelijk is aangedrongen op acceptatie door de heer Milosevic van de akkoorden van Rambouillet en Parijs. Ook in de richting van de Russische Federatie is door de heer Milosevic nadrukkelijk "nee" gezegd. Ik neem dan ook aan dat het al dan niet betrokken zijn van Russische troepen bij de vredesmacht geen invloed heeft gehad op het oordeel van de heer Milosevic. Hij heeft van het begin af aan gezegd dat hij onder geen voorwaarde bereid was een NAVO-vredesmacht in Kosovo te accepteren of nu wel of niet voorzien was in deelname van Russische troepen. Er is dus wel degelijk over gesproken, ook over modaliteiten in het kader van de verantwoordelijkheid van de NAVO en de Russische Federatie. In elk geval is er wat dit betreft van de kant van de NAVO geen enkele blokkade opgeworpen.

Voorzitter Ik constateer, dat er behoefte is aan een tweede termijn. Ik bepaal de spreektijd in tweede termijn op maximaal drie minuten per fractie.

De heer Van Bommel (SP)
Voorzitter! We praten over luchtaanvallen op een soevereine staat, zonder een VN-resolutie die expliciet voorziet in de toestemming om geweld te gebruiken. Dat de Nederlandse regering de resoluties 1199 en 1203 anders uitlegt dan twee leden van de Veiligheidsraad, is interessant, maar ik ben toch geneigd om aan de uitspraak over die resoluties van de twee leden van de Veiligheidsraad die deze resoluties mede hebben ondertekend, meer gewicht te hechten.
Over die resoluties kan verder gezegd worden dat tot op dit moment door beide partijen in Kosovo, zowel van de zijde van de Serviërs als van de zijde van het Kosovo bevrijdingsleger, de voorwaarden uit deze resoluties werden overtreden. Te sterk wordt ook hier vanavond weer het beeld neergezet alsof het gaat om één strijdende partij in Kosovo. Dat is heel nadrukkelijk niet aan de orde.
Voorzitter! Dan de vraag van de minister van Buitenlandse Zaken aan mijn adres: hoe zou Milosevic dán gedwongen moeten worden tot onderhandeling? Mijn eerste antwoord daarop is: niet beginnen met de Servische delegatie weg te sturen, totdat men bereid is om het akkoord zoals het er in concept lag, te ondertekenen. Eind vorige maand leek er politieke overeenstemming te ontstaan over zelfbestuur in Kosovo. Een belangrijk obstakel in het conceptakkoord was natuurlijk de militaire aanwezigheid in Kosovo. Die had uitonderhandeld moeten worden, vooral omdat de bereidheid wel leek te ontstaan om internationale waarnemers in Kosovo toe te laten om toe te zien op de uitvoering van het akkoord van Rambouillet. Voor die weg is niet gekozen. Er is voor gekozen om de waarnemers uit Kosovo te verwijderen, om de militaire druk op te voeren en uiteindelijk over te gaan tot aanvallen. Onze inschatting over de gevolgen daarvan heb ik u gegeven in mijn eerste termijn. Op korte termijn denk ik dat er gevreesd moet worden voor een humanitaire ramp, voor vergeldingsacties van de Serviërs en het risico van escalatie naar andere gebieden, zoals ook door andere sprekers is gememoreerd.
Het verbaast me dat de minister van Buitenlandse Zaken niet op de hoogte is van de positie van Boris Jeltsin, die toch heel duidelijke uitspraken gedaan heeft, vandaag nog, over de aanvaardbaarheid van luchtaanvallen. De positie van Rusland wordt door de minister van Buitenlandse Zaken wel gezien als een belangrijke positie, van een belangrijk land in de wereld, maar tegelijkertijd is sprake van een niet weten wat het standpunt van dit land is over luchtaanvallen en over het akkoord van Rambouillet. Immers, de Russische bemiddelaar was volgens mijn informatie in ieder geval wel aanwezig, maar heeft niet getekend, omdat Rusland niet instemt met het sturen van grondtroepen.
Voorzitter! Onze conclusie is dat er door de luchtaanvallen olie op het vuur wordt geworpen en dat de aanvallen voorlopig geen vrede in Kosovo zullen brengen. We moeten vrezen dat er veel slachtoffers gaan vallen, ook onschuldige.
Minister Van Aartsen
Mijnheer de voorzitter! Heel kort. Met uw Kamer, behoudens de fractie waartoe de heer Van Bommel behoort, en met alle democratieën die in de NAVO verenigd zijn, vinden wij, vindt de Nederlandse regering, dat de resoluties 1199 en 1203 inderdaad de basis bieden voor dit optreden van de NAVO.
Ik hoop dat ik duidelijk heb aangegeven - ik heb er de nadruk op gelegd bij alle debatten die wij hierover hebben gehad in de afgelopen maanden - dat dit type besluiten niet lichtvaardig tot stand zijn gekomen, ook omdat we ons inderdaad nu in een heel bijzondere, gevaarlijke situatie bevinden, waarbij NAVO-luchtmacht, NAVO-troepen, NAVO-mannen en -vrouwen, Nederlandse mannen en vrouwen in het gevaar worden gestuurd. Dat soort besluiten worden niet lichtvaardig genomen en wij zijn van mening, nogmaals, met toch wel fors wat democratieën en met de meerderheid, een forse meerderheid, van uw Kamer, dat de resoluties de basis bieden voor het optreden.
Ik zou tot de heer Van Bommel willen zeggen dat hij de indringende vragen van de minister van Defensie en mij toch niet heeft beantwoord. Ik heb goed naar hem geluisterd. Maar de Servische delegatie heeft ervoor gekozen om weg te gaan. De Servische delegatie heeft niet willen onderhandelen tot het einde. En er was dus wat dat betreft een eind aan de onderhandeling die eerst in Rambouillet en later in Parijs plaatsvond.
Uitonderhandelen, zo zei de heer Van Bommel. Dat is nu juist wat is gebeurd. Ik ben begonnen met te zeggen dat het heel goed is geweest dat ambassadeur Holbrooke op het eind ook nog naar Milosevic is gegaan en dat niet terstond van vrijdag op zaterdag - op het moment dat de KVM ook werd teruggetrokken - automatisch maar de conclusie werd getrokken dat dan het luchtwapen maar moest worden ingezet. Nee, na overleg met de bondgenoten is besloten tot deze laatste missie van Holbrooke. En Holbrooke - ik ken hem - is een man die tot het uiterste zal proberen om een akkoord te bereiken. Dat heeft hij geprobeerd, maar hij heeft een dove president Milosevic aan zijn gesprekstafel gevonden, een president die ook ontkende dat er sprake was van enig offensief in Kosovo, een president die dezer dagen geen enkele terughoudendheid heeft betoond bij de aanvallen op het UCK. Dat zijn de feiten. Het gaat er dus inderdaad om, te voorkomen dat, als dit doorgaat, wij stromen vluchtelingen krijgen en er in wezen sprake zou zijn van een soort etnische zuivering van Kosovo. Dát moeten wij voorkomen, mijnheer de voorzitter.
Ik wil nog een opmerking maken over het akkoord van Rambouillet, het akkoord van Parijs. Dat was gemaakt samen met de Russische Federatie, die dus aan de inhoud daarvan evenzeer gebonden is als alle andere betrokkenen. Inderdaad, zij heeft niet willen meetekenen vanwege het probleem dat de Joegoslavische onderhandelaars niet aan de tafel zaten. Maar dat betekent nog niet dat zij niet gebonden is aan de inhoud van het uitonderhandelde akkoord, waarin aan de Joegoslavische federatie werd gevraagd om een vredesmacht te accepteren op het grondgebied van Joegoslavië.

De beraadslaging wordt gesloten.



© Layout

The Amsterdam Post