Czeslaw Milosz |A Poem for the end of the century
Click To Frontpage

 International 

Political Newsreview
Handelingen
2de kamer

First Net Print, Friday, March 21, 2003

Handelingen
Tweede Kamer

Irak Debat

ONGECORRIGEERD STENOGRAM 
(Aan dit verslag kunnen geen rechten worden ontleend)
2002-2003
50ste vergadering
Dinsdag 18 maart 2003
14.00 uur

De heer Zalm (VVD): Mijnheer De voorzitter. Het is met enige verbittering dat ik hier namens de VVD-fractie sta, verbittering omdat het niet mogelijk was om de koninklijke weg van de Verenigde Naties af te lopen. Ook teleurstelling omdat mijn fractie, het is al vaak gezegd, het internationale recht koestert en wil koesteren. Wij zijn weer op een punt in onze historie aangeland waarin buiten de Verenigde Naties om, zoals bij Kosovo, een operatie moet plaatsvinden. Resoluties die de Veiligheidsraad in een reeks van jaren aannam, met als sluitstuk 1441, lieten aan duidelijkheid niets te wensen over. De brief van het kabinet is wat dat betreft ook duidelijk. Van resolutie 687 uit 1991, twaalf jaar geleden, tot en met resolutie 1441, inmiddels weer vier maanden geleden, was het voor Saddam Hoessein duidelijk wat van hem werd verwacht. Hem stond de keuze open óf te voldoen aan die resoluties, óf proberen weg te komen met het negeren van die resoluties. Door de jaren heen koos hij consequent voor het negeren. Hij ging ervan uit dat hij kon ontsnappen en tegelijkertijd -- dat is het trieste -- verdeeldheid kon zaaien in de internationale gemeenschap die het internationaal recht lief is. De calculerende dictator in Bagdad heeft, zoals the Economist schreef, met minimale concessies maximale verdeeldheid en verwarring weten te creëren, wetend hoezeer wij oorlog verafschuwen, in tegenstelling tot deze man die bijna 2 miljoen doden op zijn geweten heeft.
Twaalf jaar zijn er voorbij gegaan zonder dat er consequenties aan zijn verbonden. Creëren die niet een rechtsgrond gelegen in het brede volkenrecht? Wapens in de handen van deze man zijn dodelijk voor zijn volk, zijn regio, voor de wereldorde die hij op zijn kop zette. Wij raken hier dan aan een leerstuk dat breed bediscussieerd is toen de wereldgemeenschap in maart 1999 op basis van een resolutie uit oktober 1998 besloot Joegoslavië aan te vallen zonder nieuwe resolutie. In die periode hebben experts in het internationaal recht erop gewezen dat er voldoende juridische basis was voor militair optreden.
Een actie tegen Irak is op grond van bestaande Veiligheidsraadresoluties te verdedigen. Meestal wordt de harde taal van resolutie 1441 daartoe aangevoerd, maar interessanter wellicht is resolutie 687 van april 1991. Die bekrachtigde de door Irak aanvaarde wapenstilstandsvoorwaarden. Er is geen twijfel aan dat die voorwaarden door Irak geschonden zijn, onder andere door UNSCOM systematisch tegen te werken. Men kan stellen dat dit de wapenstilstand ongedaan maakt. Een nieuwe resolutie is ook door ons gewenst, maar niet noodzakelijk, zoals collega Bos nog in december verleden jaar betoogde. Onze voormalige VN-ambassadeur Peter van Walsum heeft in the Financial Times geschreven dat er voldoende redenen voor bezorgdheid zijn, maar dat onzekerheid over het volkenrecht daar niet toe behoort. Hij vindt dat er een gat in het Handvest zit zolang men geen oplossing heeft voor de situatie waarin men terecht kan komen als permanente leden van de Veiligheidsraad eerst hun stem geven aan een dwingende hoofdstuk VII-resolutie om vervolgens te verhinderen dat de Veiligheidsraad naleving daarvan afdwingt. Het Handvest kan niet het laatste woord hebben als dat de consequentie ervan is.
Voorzitter. Ik ben hiermee aangeland bij de redenen waarom in de Veiligheidsraad een totale impasse intrad. Dat valt velen te verwijten, ook de Verenigde Staten!

De Verenigde Staten hebben terecht gekozen voor de weg via de Veiligheidsraad. Dit veronderstelt ook investeren in die route, dat wil zeggen: dialoog, overleg, uitleggen, ook als het erg moeilijk wordt. De geluiden uit Washington waren echter soms schril.
Ik denk echter dat Frankrijk meer te verwijten is. Waarom wierp Frankrijk - het land dat door de jaren heen niets bijdroeg aan het onder druk houden van Saddam - zich opeens op als het geweten van Europa? In het Sanctiecomité heeft Frankrijk steeds tegen gewerkt. De megafoondiplomatie van Le Villepin heeft zeer veel kapot gemaakt. De weigering om een keer een ultimatum te stellen, was natuurlijk niet bevorderlijk.
In derde instantie valt ook de Verenigde Naties zelf iets te verwijten, denk ik. De chef van de wapeninspecteurs, de heer Blix - voor wie ik overigens veel waardering heb - was in zijn laatste betoog in de Veiligheidsraad wel kritisch, maar in dit betoog ontbrak heel veel dat hij vervolgens opschreef in zijn document.
Alleen wie heel naïef is, kan geloven dat in de internationale verhoudingen simpele keuzen tussen goed en kwaad bestaan. Er is nu een streep getrokken en wij moeten kiezen aan welke kant van die streep wij gaan staan. Mijn fractie kan niet aan de zijde gaan staan van diegenen die Saddam Hoessein nog eens de kans willen geven om te ontsnappen. Dit zou de uitkomst zijn.
Mijn fractie is het eens met het kabinet om de Verenigde Staten politiek te steunen. Wij vinden de verklaring van de minister-president ook van goede kwaliteit. Er is echter een belangrijk punt van kritiek. Wij zijn het oneens met de conclusie dat Nederland in ieder geval geen actieve bijdrage zal leveren aan militaire operaties ten aanzien van Irak. Ik heb het woordje zal niet als prognose gelezen, maar als beleidslijn. Ik denk dat dit in de context als moeten moet worden gelezen.
Waarom zijn wij het daarmee niet eens? In de eerste plaats, omdat dit in strijd is met de feiten. Wij steunen de Verenigde Staten al actief met betrekking tot Irak door de Patriots in Turkije en door taken over te nemen in Afghanistan. Ik neem aan dat het kabinet daarmee wil doorgaan, net als met de host nation support. Wij zouden het in ieder geval onaanvaardbaar vinden als deze bijdrage wordt gestaakt.
Ik wil de regering vragen welke definitie zij hanteert van het begrip actief bijdragen. Valt het overnemen van taken van de Verenigde Staten of van het Verenigd Koninkrijk elders daar ook onder of niet? De heer Verhagen heeft dit punt al opgeworpen. Met mij acht hij het acceptabel dat dit soort verzoeken positief worden bejegend.
Wij zijn het echter ook niet eens met deze lijn als beleidslijn. Politieke steun geven en dan militair boycotten, is hypocriet, zoals oud-collega Rosenmöller gisteravond al constateerde. Ik ben het dit keer eens met hem eens. Er zal ons waarschijnlijk niet meer worden gevraagd dan wij nu al doen, maar op voorhand overal nee op zeggen als beleidslijn, is halfslachtige en halfhartige politiek. Dit compromis lijkt de vrucht te zijn van een slepende formatie. Als in de toekomst meningsverschillen zo worden opgelost, voorspelt dit weinig goeds voor ons land en voor onze internationale positie.

De heer Rouvoet (ChristenUnie): Ik wil aan de heer Zalm dezelfde vraag stellen als ik eerder aan de heer Verhagen heb gesteld. Is hij met mij van mening dat op het cruciale punt van de militaire bijdrage, een verschil in de toonzetting kan worden vast gesteld tussen de brief van de minister van Buitenlandse Zaken en de verklaring van de minister-president?

De heer Zalm (VVD): Ik hoor graag van de regering of zij dit ook zo ervaart. De toon van de brief beviel mij in ieder geval minder goed. Ik vond de verklaring over de hele linie goed, maar op dit punt niet zo als ik zou hebben gewild.

De heer Rouvoet (ChristenUnie): Ik stel die vraag natuurlijk, omdat aan het einde van de verklaring van de minister-president wordt gesteld: daartoe is door het kabinet niet besloten. Dit is een andere formulering dan: er zal geen militaire bijdrage worden geleverd. Is de heer Zalm dit met mij eens?

De heer Zalm (VVD): Ja zeker. Ik ben gehandicapt door het feit dat wij die verklaring niet op papier hebben en de brief wel. Ik houd mij daarom vast aan de brief. Ik vind dat de brief op dit punt onjuist is. Daarin staat inderdaad: de regering zal geen actieve bijdrage leveren. Ik heb al gezegd dat ik dit in twee opzichten onjuist vind. In de eerste plaats, omdat wij dit al doen en moeten blijven doen. In de tweede plaats ben ik van mening dat je als je politieke steun geeft, niet al op voorhand in het algemeen kan uitspreken dat je nooit in geen enkele omstandigheid enige bijdrage zal leveren. Ik vind dit een halfslachtige solidariteit. Dit is een salonsolidariteit: wel in woorden, maar niet in daden en dit is niet wat wij van het kabinet verwachten.


Updated, zondag 26 december 2004
Today is The Day...

...AP Online
Bijdragen
Kamerleden
Inhoud
Index pagina
Eerste Minister Balkenende
(Openingsstatement)
De heer Verhagen 
(Fractievoorzitter CDA)
De heer Bos 
(Fractievoorzitter PvdA)
De heer Zalm 
(Fractievoorzitter VVD)
De heer Marijnissen 
(Fractievoorzitter)
De heer Herben 
(Fractievoorzitter LPF)
Mevrouw Halsema 
(Fractievoorzitter Groenlinks)
De heer Dittrich
(Fractievoorzitter D66)
De heer Rouvoet 
(Fractievoorzitter ChristenUnie)
De heer Van der Vlies 
(Fractievoorzitter SGP)
Eerste Minister Balkenende
(Antwoord in 1ste termijn)
Kamer in 2de termijn
Minister Balkenende
(Antwoord in 2de termijn)
Moties
Stemmingen
Hele file

(Colofon)
hosted by
Hosted by XS4ALL

Go to The Top

© Layout 

mailto:

The Amsterdam Post

The Amsterdam Post

Only Words
Only Wordy
Only Worthy
Free